{"id":51737,"date":"2024-07-30T23:00:35","date_gmt":"2024-07-30T21:00:35","guid":{"rendered":"https:\/\/www.huzarenvanboreel.nl\/?p=51737"},"modified":"2026-03-12T21:00:02","modified_gmt":"2026-03-12T20:00:02","slug":"1795-1806-regiment-huzaren-bataafse-republiek","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/index.php\/2024\/07\/30\/1795-1806-regiment-huzaren-bataafse-republiek\/","title":{"rendered":"1795 &#8211; 1806\u00a0\u00a0Regiment Huzaren Bataafse Republiek"},"content":{"rendered":"\n<p>Door: <em>Luitenant-kolonel bd. Arie Rens<\/em> <em>en kolonel (bd) Hans van Dalen<\/em> | versie 2 [12-03-2026]<\/p>\n\n\n\n<h2 class=\"wp-block-heading\"><strong>Het&nbsp;&nbsp;Regiment Huzaren van de Bataafse Republiek<\/strong><\/h2>\n\n\n\n<p class=\"has-medium-font-size\"><strong>De Bataafse Republiek<\/strong><\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-columns is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-9d6595d7 wp-block-columns-is-layout-flex\">\n<div class=\"wp-block-column is-vertically-aligned-center is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow\" style=\"flex-basis:66.66%\">\n<p>Op 20 januari 1795 hield Pichegru triomfantelijk zijn intocht in Amsterdam, onder gejuich van een uitzinnige menigte. Pichegru wist heel goed wat hij wilde en het gejuich verstomde spoedig. De Republiek was overwonnen en bezet en kon zijn onafhankelijkheid als Bataafse Republiek terugkopen voor 100 miljoen gulden. Dat de Republiek zijn beperkte zelfstandigheid mocht behouden en niet direct werd ingelijfd bij Frankrijk, was vooral te danken aan de invloed van Herman Willem Daendels. Hierdoor kon de Republiek met horten en stoten in tien jaar tijd groeien naar een eenheidsstaat, bakermat van het latere Koninkrijk. Staats-Vlaanderen en een deel van Walcheren met Vlissingen kwamen aan Frankrijk, evenals Staats-Limburg met Venlo en Maastricht. De Oostenrijkse Nederlanden waren ook ingelijfd bij Frankrijk. Frankrijk kreeg vrije vaart op Schelde, Maas en Rijn en het kon beschikken over het gros van leger en vloot van de Bataafse Republiek. Bovendien moest de Republiek 25.000 man Franse troepen legeren, voeden, kleden en betalen. De Republiek kreeg een vijfhoofdig uitvoerend bewind.<\/p>\n\n\n\n<p>Het Staatse leger werd ontbonden. Daarmee ook de 12 Staatse cavalerieregimenten, waaronder dus de twee huzaren regimenten van Van Heeckeren en van Timmerman. In het Bataafse leger werden alleen die officieren opgenomen die niet openlijk hadden blijk gegeven van sympathie voor Oranje. Veel officieren kozen voor pensionering, anderen weken uit naar het buitenland om daar, onder andere onder de Oranjes, te gaan dienen.&nbsp;<\/p>\n<\/div>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-column is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow\" style=\"flex-basis:33.33%\">\n<figure class=\"wp-block-image size-large\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"843\" height=\"1024\" src=\"https:\/\/www.huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Posthuum_portret_van_Herman_Willem_Daendels_1762-1818._Gouverneur-generaal_1808-10_Rijksmuseum_SK-A-3790-843x1024.jpeg\" alt=\"\" class=\"wp-image-63142\" srcset=\"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Posthuum_portret_van_Herman_Willem_Daendels_1762-1818._Gouverneur-generaal_1808-10_Rijksmuseum_SK-A-3790-843x1024.jpeg 843w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Posthuum_portret_van_Herman_Willem_Daendels_1762-1818._Gouverneur-generaal_1808-10_Rijksmuseum_SK-A-3790-247x300.jpeg 247w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Posthuum_portret_van_Herman_Willem_Daendels_1762-1818._Gouverneur-generaal_1808-10_Rijksmuseum_SK-A-3790-768x932.jpeg 768w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Posthuum_portret_van_Herman_Willem_Daendels_1762-1818._Gouverneur-generaal_1808-10_Rijksmuseum_SK-A-3790-1265x1536.jpeg 1265w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Posthuum_portret_van_Herman_Willem_Daendels_1762-1818._Gouverneur-generaal_1808-10_Rijksmuseum_SK-A-3790-600x728.jpeg 600w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Posthuum_portret_van_Herman_Willem_Daendels_1762-1818._Gouverneur-generaal_1808-10_Rijksmuseum_SK-A-3790.jpeg 1280w\" sizes=\"auto, (max-width: 843px) 100vw, 843px\" \/><figcaption class=\"wp-element-caption\">Herman Willem Daendels<\/figcaption><\/figure>\n<\/div>\n<\/div>\n\n\n\n<p>&nbsp;&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<p>Meerdere ontwerpen voor het nieuwe leger van de Bataafse Republiek voldeden niet aan de Fransen wensen zodat het tot 8 juli 1795 duurde voordat een nieuwe organisatie van kracht werd. Het nieuwe Bataafse leger zou gaan bestaan uit zeven halve brigades infanterie, vier bataljons jagers, vier regiment cavalerie, vier bataljons infanterie, twee compagnie\u00ebn rijdende artillerie, een compagnie pontonniers, een compagnie mineurs en een compagnie sappeurs. De halve brigade van elk drie bataljons van elk negen compagnie\u00ebn waren een kopie van de destijdse Franse\u00a0<em>demi-brigades<\/em>. De totale sterkte van het Bataafse leger kwam uit op 22.000 man, minder dan de helft van de voormalige legeromvang van 1793.<sup data-fn=\"e01aa9be-67d8-4d07-9792-350f4b0a80d5\" class=\"fn\"><a href=\"#e01aa9be-67d8-4d07-9792-350f4b0a80d5\" id=\"e01aa9be-67d8-4d07-9792-350f4b0a80d5-link\">1<\/a><\/sup>\u00a0De Bataafse cavalerie zou gaan bestaan uit vier regimenten: twee regimenten zware cavalerie, een regiment dragonders en een regiment huzaren. Elk regiment bestond dan uit een staf en vier eskadrons \u00e1 twee compagnie\u00ebn. De staf bestond uit \u00e9\u00e9n kolonel, twee luitenant-kolonels, 1 kwartiermeester, 1 chirurgijn-majoor, 1 twee chirurgijn, 2 \u00e9l\u00e8ves, 1 eerste adjudant, 1 tweede adjudant, 1 eerste pikeur, 1 tweede pikeur, 1 zadelmaker en 1 vaansmid. In totaal 14 man en 11 paarden.\u00a0<\/p>\n\n\n\n<p>Elke compagnie bestond uit 1 ritmeester, 1 eerste luitenant, 1 tweede luitenant, 1 opperwachtmeester, 2 wachtmeesters, 1 korporaal-fourier, 5 korporaals, 1 trompetter en 64 manschappen. In totaal 77 man en 80 paarden. Het regiment bestond dus uit 630 man en 651 paarden. In 1805 kwam er een kleine wijziging met per compagnie 6 manschappen minder, maar wel een tweede trompetter erbij.\u00a0<\/p>\n\n\n\n<p>De restanten van beide huzarenregimenten werden samengevoegd en op 8 juli 1795 ontstond daaruit het Regiment Huzaren van de Bataafse Republiek. De Huzaren van Van Heeckeren leverden het 1e en het 2e eskadron, de Huzaren van Timmerman (opgericht in 1794) het 3e eskadron, maar de meesten van dit korps werden ongeschikt geacht en ontslagen. Beide korpsen werden daartoe op 12 juli 1795 onder bevel gesteld van generaal-majoor Boecop, commandant van de 2<sup>e<\/sup>\u00a0Brigade. Het Regiment Huzaren van Heeckeren lag in Utrecht met 388 man en 170 paarden.<sup data-fn=\"65150fd0-afe2-4d0b-b455-ea93c1c38d85\" class=\"fn\"><a href=\"#65150fd0-afe2-4d0b-b455-ea93c1c38d85\" id=\"65150fd0-afe2-4d0b-b455-ea93c1c38d85-link\">2<\/a><\/sup>\u00a0Het Korps van Timmerman lag in Maarssen en telde 185 man 171 paarden. De nieuwe regimentscommandant werd Fran\u00e7ois Qua\u00efta met als plaatsvervanger <a href=\"https:\/\/www.openarchieven.nl\/lgm:e669ab13-110a-bf9a-7eb2-1bb075d3d80e\/en\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\">luitenant-kolonel van J. van der M\u00fchl<\/a>. De tweede hoofdofficier was luitenant-kolonel Jean Antoine Collaert, de latere divisiecommandant bij Waterloo. De staf van het Regiment Huzaren kwam samen met \u00e9\u00e9n eskadron in Utrecht. De andere drie eskadrons lagen afwisselend in Vianen, Leerdam, Rotterdam, Haarlem, Amsterdam en Heusden. Generaal Boecop schreef over de hem toebedeelde huzaren<sup data-fn=\"0ea639c1-8045-456f-8add-ffefa9916595\" class=\"fn\"><a href=\"#0ea639c1-8045-456f-8add-ffefa9916595\" id=\"0ea639c1-8045-456f-8add-ffefa9916595-link\">3<\/a><\/sup>:<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-accent-color has-text-color has-link-color wp-elements-7da042c11b721e632b108fc19a3a2a3d\"><em>\u201c..bestond het voor 2\/3 gedeelte uit schoon en uitgelezen volk, uit het regiment van Van Heeckeren komende; de geest die onder de Hussaren heerst, is in het generaal allerbest, voornamelijk onder die voorheen van Heeckeren. Er heeft wel eenige desertie plaats, maar van weinig belang; allen zijn uit het gewezen regiment van Timmerman en slechte sujetten, die iets mede kunnen nemen; daar zijn niet gekleed zijn.\u201d<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>De generaal voegde hier nog aan toe dat de huzaren van Timmerman zich in dusdanig slechte toestand bevonden, dat de meesten met geld en een paspoort weggestuurd zouden moeten worden. In maart 1796 werden twee eskadrons huzaren naar Noord Holland gestuurd om hier hun collega\u2019s van het 1<sup>e<\/sup>&nbsp;regiment (zware) cavalerie af te lossen. E\u00e9n kwam in Haarlem terecht werd in mei 1796 ingezet in Amsterdam om de rust te herstellen. Op 21 april waren al drie compagnie\u00ebn huzaren vanuit Utrecht naar Heusden vertrokken om in Utrecht plaats te maken voor Franse troepen onder leiding van generaal Beurnonville die het Franse zogenaamde \u2018Arm\u00e9e du Nord\u2019 aanvoerde. Vanuit Heusden werden op 13 mei een compagnie naar Breda en \u00e9\u00e9n naar Den Bosch gestuurd en kwamen hier onder bevel van de Franse vestingcommandanten.&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<p>Volgens het besluit van 8 juli 1795 zou het Regiment Huzaren (RH) het uniform van het <a href=\"https:\/\/hcvv.home.xs4all.nl\/milweb\/Nederland\/Cavalerie\/Huzaren.html\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\">Regiment Huzaren van Van Heeckeren <\/a>aannemen, maar op 18 augustus 1795 werd besloten dat de dolman en de pels in plaats van zwart met witte tressen, donderblauw met gele tressen zou worden. De dolman had verder een rode kraag en de pels was met wit bont afgezet. Pas in de nadagen van de Bataafse Republiek werd besloten de huzarenmuts te vervangen door een vilten sjako. Bij de cavalerie droegen alleen de huzaren een sabeltas. De andere cavalerie-eenheden van de Bataafse Republiek werden het Regiment Dragonders en het 1e en 2e Regiment Zware Cavalerie, die in 1803 gereorganiseerd werden tot 1e en 2e Regiment Lichte Dragonders.\u00a0<\/p>\n\n\n<div class=\"wp-block-image\">\n<figure class=\"aligncenter size-full\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"841\" height=\"629\" src=\"https:\/\/www.huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Bataafse-cavalerie-in-de-duinen.png\" alt=\"\" class=\"wp-image-51738\" srcset=\"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Bataafse-cavalerie-in-de-duinen.png 841w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Bataafse-cavalerie-in-de-duinen-300x224.png 300w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Bataafse-cavalerie-in-de-duinen-768x574.png 768w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Bataafse-cavalerie-in-de-duinen-600x449.png 600w\" sizes=\"auto, (max-width: 841px) 100vw, 841px\" \/><figcaption class=\"wp-element-caption\"><em>Bataafse cavalerie in de duinen. Rechts drie huzaren van het Regiment Huzaren, links drie dragonders en op de voorgrond zittend een ruiter van het 2<sup>e<\/sup>&nbsp;Regiment Zware Cavalerie.<\/em><\/figcaption><\/figure>\n<\/div>\n\n\n<p>In juli 1796 vertrok RH met drie eskadrons naar Groningen en werd daar bij de 2<sup>e<\/sup>\u00a0Divisie gevoegd, gecommandeerd door de Belgische luitenant-generaal Baptiste Dumonceau<sup data-fn=\"839ef152-cb4e-40e9-97f5-a323604eafb5\" class=\"fn\"><a href=\"#839ef152-cb4e-40e9-97f5-a323604eafb5\" id=\"839ef152-cb4e-40e9-97f5-a323604eafb5-link\">4<\/a><\/sup>.\u00a0\u00a0Van Groningen werden 2 officieren en 83 man naar Delfzijl en de Nieuwe Schans gestuurd. Het regiment telde toen 19 officieren, 444 onderofficieren en manschappen met 365 paarden. RH nam met drie eskadrons deel aan de veldtocht in Duitsland tegen Oostenrijk, die op 7 september 1796 begon. Het maakte hierbij deel uit van de 2<sup>e<\/sup>Brigade van de Bataafse Divisie. De Bataafse troepen namen bij deze veldtocht niet aan gevechten deel en kwamen ook niet verder dan D\u00fcsseldorf. In december kwam het regiment terug in Nijmegen. Terwijl dus drie eskadrons mee naar Duitsland waren getrokken waren er twee in Groningen gebleven. Deze twee eskadron telden samen 230 man.\u00a0<\/p>\n\n\n\n<p>In maart 1797 maakte het Regiment Huzaren met twee eskadrons opnieuw deel uit van de Bataafse Divisie, nu gecommandeerd door luitenant-generaal Daendels, die tezamen met een Franse strijdmacht in Ierland zou landen. Daendels was een groot voorstander van actieve steun aan bondgenoot Frankrijk, om zo de onafhankelijke status van de Republiek te bewijzen en tegelijkertijd aan te tonen dat het land een waardevolle bondgenoot kon zijn. In 1796 wilde hij al met een Bataafse divisie naar de Beneden-Rijn, in Duitsland, marcheren om daar de Fransen bij te staan in hun strijd tegen Oostenrijk, maar hij kreeg hiervoor geen toestemming uit Den Haag. Een jaar later zette hij zich actief in voor de invasie van Ierland, uitgevoerd door een Bataafse expeditionaire legermacht met ondersteuning van de Bataafse vloot. Eenmaal geland op de Ierse kust zouden de Bataafse troepen, met steun van de Ierse opstandelingen, het eiland bevrijden van het Engelse juk. Ondanks de enorme risico\u2019s die aan deze operatie waren verbonden, steunde het Comit\u00e9 te Lande, de uitvoerende macht van de Bataafse Republiek in Den Haag, dit plan wel. Het zag de onderneming vooral als een kans de slagkracht van de Bataafse krijgsmacht te tonen. Bij een succesvol verloop van de expeditie, zo was de redenering, zou het land in aanzien van Frankrijk stijgen, waardoor vermindering van de knellende Franse militaire aanwezigheid in de Republiek wellicht een stap dichterbij zou komen.<sup data-fn=\"dc163a4f-ba14-4504-b52f-aa8b63f83728\" class=\"fn\"><a href=\"#dc163a4f-ba14-4504-b52f-aa8b63f83728\" id=\"dc163a4f-ba14-4504-b52f-aa8b63f83728-link\">5<\/a><\/sup><\/p>\n\n\n\n<p>Het opperbevel van de expeditie had, tegen de zin van de Bataafse legerleiding, de Franse <a href=\"https:\/\/en.wikipedia.org\/wiki\/Lazare_Hoche\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\"><strong>generaal Hoche<\/strong><\/a>. Het Hollandse contingent bestond uit 7 bataljons infanterie, twee bataljons jagers en twee eskadrons van elke van de vier cavalerie regimenten. Het detachement van RH bestond uit 17 officieren, 20 onderofficieren, 28 korporaals, 4 trompetters en 330 huzaren. In totaal 402 man. De troepen scheepten zich op 4 en 5 juli in Den Helder in, maar omdat de wind hardnekkig in de verkeerde hoek bleef, kon de vloot (onder bevel van vice admiraal de Winter) niet uitvaren en begin september werd de operatie afgelast. De Bataafse vloot koos een maand later nog wel het ruime sop in een poging de eer van de natie te rededen, maar ook dit doel werd verre van gehaald. Op 11 oktober 1797 ging de Bataafse vloot roemloos ten onder in de Slag bij Kamperduin.<sup data-fn=\"32ab1ac6-9055-4dc9-9496-775600eaa64f\" class=\"fn\"><a href=\"#32ab1ac6-9055-4dc9-9496-775600eaa64f\" id=\"32ab1ac6-9055-4dc9-9496-775600eaa64f-link\">6<\/a><\/sup><\/p>\n\n\n\n<p>Op 9 september waren de eskadrons weer ontscheept en marcheerden van Den Helder terug naar Groningen<sup data-fn=\"39512cbb-0d8f-4a23-856e-cfa0cc502ba4\" class=\"fn\"><a href=\"#39512cbb-0d8f-4a23-856e-cfa0cc502ba4\" id=\"39512cbb-0d8f-4a23-856e-cfa0cc502ba4-link\">7<\/a><\/sup>.\u00a0Daar bleef RH tot 1799, zonder dat er iets bijzonders gebeurde. Francois de Quaita was nog steeds de regimentscommandant, <strong><a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Jean_Antoine_de_Collaert\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\">Jean Antoine Collaert<\/a><\/strong> de luitenant-kolonel, <strong><a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Jean-Baptiste_van_Merlen\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\">Jean Baptiste van Merlen<\/a><\/strong>, Seijerlen, J.G. Collaert, Betza , Rom en Lambrechts ritmeesters en Christiaan Lechleitner , Weitzel, Von Staedel en Arend Johan Hoynck van Papendrecht allen eerste luitenant bij het Regiment Huzaren. Al deze namen spelen later nog een hoofdrol tijdens de Napoleontische oorlogen.<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-medium-font-size\"><strong>Engels-Russische landing in Noord Holland<\/strong><\/p>\n\n\n\n<p>In 1799 werd het Regiment Huzaren als onderdeel van de 2<sup>e<\/sup>\u00a0Divisie van (de Belgische) luitenant-generaal Jean-Baptiste Dumonceau ingezet tegen de Engels-Russische invasie in Noord-Holland. De Engelsen landden op 27 augustus halverwege Huisduinen en Callantsoog bij Kleine Keeten, zuid van Den Helder. De inscheping had plaatsgevonden tussen 9 en 12 augustus in de havens van Margate, Deal, Ramsgate en Dover. In totaal 12.000 man in een vloot van 200 transportschepen. De transportvloot stond onder bevel van <a href=\"https:\/\/en.wikipedia.org\/wiki\/William_Mitchell_%28Royal_Navy_officer%29\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\"><strong>viceadmiraal Mitchell <\/strong><\/a> en de landingstroepen onder bevel van sir Ralph Abercrombie. Op 13 augustus verliet de transportvloot de verzamelplaats Deal en maakte op de Noordzee op de 15<sup>e<\/sup>\u00a0contact met de Noordzeevloot onder leiding van <a href=\"https:\/\/en.wikipedia.org\/wiki\/Adam_Duncan,_1st_Viscount_Duncan\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\"><strong>admiraal Duncan<\/strong><\/a>. Een storm vertraagde de operatie en hoewel al op 18 augustus het besluit genomen werd om te landen, bleef de hardnekkige wind roet in het eten gooien. Op de 22 augustus wakkerde die zelf nog aan en bleef tot de 25 augustus krachtig waaien. Op 22 augustus was een sommatie aan de Bataafse vloot gestuurd om zich over te geven. Deze werd van de hand gewezen, maar de stemming op de Bataafse vloot (die na de verloren slag bij Kamperduin weer tot 11 grote en middelgrote linieschepen was gegroeid) was wel onrustig. Nadat de krachtige wind was gaan liggen, landde de Engelse vloot op 27 augustus bij dag aanbreken.<\/p>\n\n\n\n<p>De landing kwam niet als verrassing. In de Bataafse Republiek waren zo goed en zo kwaad als het ging voorzorgsmaatregelen genomen. Het Bataafse leger was in twee divisies gesplitst. Daendels lag met zijn divisie verspreid langs de kust van Holland, de divisie van Dumonceau bewaakte de noordelijke provincies en een deel van de brigade van generaal-majoor Van Boecop fungeerde als reservekorps om zo snel mogelijk daar heen te marcheren waar de aanval plaats vond.<\/p>\n\n\n\n<p>De Engelsen landden aanvankelijk alleen, zonder de steun van de Russen af te wachten. Ze deden dit zo dicht mogelijk bij Den Helder om de Britse vloot in staat te stellen een aanslag op de Bataafse vloot te doen. Zij namen dan ook al spoedig het door de Bataafse troepen ontruimde Den Helder in bezit en beschikten daarmee over een goede haven om meer troepen (het werden er uiteindelijk 40.000), meer materieel en paarden aan land te brengen.<\/p>\n\n\n<div class=\"wp-block-image\">\n<figure class=\"aligncenter size-full\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"300\" height=\"499\" src=\"https:\/\/www.huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Luitenant-generaal-Jean-Baptiste-Dumonceau.png\" alt=\"\" class=\"wp-image-51739\" srcset=\"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Luitenant-generaal-Jean-Baptiste-Dumonceau.png 300w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Luitenant-generaal-Jean-Baptiste-Dumonceau-180x300.png 180w\" sizes=\"auto, (max-width: 300px) 100vw, 300px\" \/><figcaption class=\"wp-element-caption\"><em>Luitenant generaal Jean-Baptiste Dumonceau<\/em><\/figcaption><\/figure>\n<\/div>\n\n\n<p>Aanvankelijk werd alleen de 1<sup>e<\/sup>\u00a0Bataafse Divisie van luitenant-generaal Herman Willem Daendels ingezet. Die had in Noord Holland ongeveer 5450 man ter beschikking., namelijk in Den Helder drie bataljons infanterie, in de Wieringerwaard drie bataljons infanterie, bij Schagen vier compagnie\u00ebn infanterie, terwijl bij Petten, Burgerbrug, Koedijk, Egmond en Warmenhuizen en Camp elk een compagnie lag. Tussen Schoorl en Groet lag weer een bataljon. De overige troepen van de Bataafse Divisie lagen aanvankelijk ten zuiden van de lijn Amsterdam-Haarlem. De Frans-Bataafse troepen moesten terug op de lijn Alkmaar Hoorn. Versterkingen werden aangevoerd en op 30 augustus kreeg ook Dumonceau (gelegerd in Friesland en Groningen) opdracht om zich met het gros van zijn divisie naar het strijdtoneel te begeven. Op 7 september kwamen de eenheden van deze divisie in Amsterdam aan en betrokken op 8 september stellingen in Noord Holland.<\/p>\n\n\n\n<p>RH betrok op 8 september kantonnementen in en bij Heilo en Alkmaar en voegde zich op 10 september met een eskadron bij de voorhoede (3<sup>e<\/sup>\u00a0eskadron) met 114 man) te Schoorldam<sup data-fn=\"a5596bdf-0047-48f2-808e-dd8eb1846929\" class=\"fn\"><a href=\"#a5596bdf-0047-48f2-808e-dd8eb1846929\" id=\"a5596bdf-0047-48f2-808e-dd8eb1846929-link\">8<\/a><\/sup>\u00a0en met de overige drie eskadrons (met samen 372 man) bij de 1<sup>e<\/sup>\u00a0brigade van de hoofdmacht<sup data-fn=\"3e07dcff-275d-4e86-a9a5-7e15414865bc\" class=\"fn\"><a href=\"#3e07dcff-275d-4e86-a9a5-7e15414865bc\" id=\"3e07dcff-275d-4e86-a9a5-7e15414865bc-link\">9<\/a><\/sup>\u00a0in de stelling Koedijk. Met de aangevoerde versterkingen beschikte Daendels over meer dan 8.000 man. Er waren aanvankelijk geen Franse troepen beschikbaar voor de verdediging, maar die waren wel in aantocht en arriveerden op 2 september.\u00a0<\/p>\n\n\n\n<p>Nadat versterkingen uit andere delen van de Republiek waren gearriveerd, gingen de Franse en Bataafse troepen op 10 september in de tegenaanval. De aanval vond plaats met drie colonnes. De rechtercolonne onder bevel van Daendels verzamelde zich in Sint Pancras. Ze moest de Engelse linkervleugel aanvallen en Eenigenburg veroveren. De Bataafse centrumcolonne moet via Schoorldam proberen om Krabbendam te bezetten. De Franse linkervleugel (o.l.v. <a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Dominique_Vandamme\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\"><strong>generaal Vandamme<\/strong><\/a>) moet vanuit Schoorl via Groet en Kamp via de Slaperdijk naar Petten optrekken. De drie colonnes bleken te veel voor het smalle front en verkeersopstoppingen waren het gevolg. Daendels wist echter wel Sint Maarten te bezetten, maar de aanval op Eenigenburg werd afgeslagen. Dumonceau wist Krabbendam te veroveren, maar werd door een Engelse tegenaanval teruggeworpen. De Franse aanval op de linkerflank strandde door hevig vuur vanuit Engelse kanonneerboten die dicht onder de kust opereerden. Vrijwel geheel West Friesland werd dus aanvankelijk heroverd, maar de invasiemacht werd niet terug de zee ingedreven. Het veroverde gebied zou later bovendien weer (tijdelijk) worden prijsgegeven.&nbsp;&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<p>De aanval van de huzaren van RH, tezamen met de infanterie en ondersteund door artillerie, zou die dag via Warmenhuizen en Tuitjehorn naar Eenigenburg en Krabbendam gaan. Voornamelijk wegens verwarde bevelen van de Franse bevelhebber <a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Guillaume_Brune\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\"><strong>generaal G.M.A. Brune<\/strong><\/a> mislukte de aanval, maar luitenant-kolonel Collaert wist de orde te bewaren. <strong><a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Jan_Willem_van_Sypesteyn\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\">Sypestein<\/a><\/strong> schreef<sup data-fn=\"ae603938-5fa2-40f9-ac8b-7afa24087fc0\" class=\"fn\"><a href=\"#ae603938-5fa2-40f9-ac8b-7afa24087fc0\" id=\"ae603938-5fa2-40f9-ac8b-7afa24087fc0-link\">10<\/a><\/sup>:<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-accent-color has-text-color has-link-color wp-elements-df33f1d4717501451295854f640f037f\"><em>\u201cTen gevolge van verkeerde bevelen van Brune kon de aanval niet op de benhoorlijken tijd en niet op het bedoelde punt gedaan worden, en mislukte. Het regiment Hussaren, dat eene stelling links van den weg naar Eenigenburg had ingenomen, moest daar gedurende den aanval aan het vijandelijk kanonvuur blootgesteld, werkeloos blijven staan, en verloor eenige paarden. Het was toen, dat de dappere luitenant-kolonel der Hussaren M.A. Collaert, zich vrijwillig op den dijk op het gevaarlijkste punt van den aanval begaf, en de hoofdkolonne, die door het vijandelijk vuur in verwarring en aan het wijken was gebragt, door zijn voorbeeld tot den aanval aanmoedigde, en die onder zijne leiding deed bewerkstelligen. Terugtrekkende, werd het regiment Hussaren gelast, den terugtogt te dekken, hetgeen onmogelijk te doen was, daar die terugtogt moest geschieden over eenen smallen dijk, waarop de kavallerie volstrekt niets kon verrigten. Door het beleid van Collaert werd hij echter door het 1<sup>e<\/sup>&nbsp;bataljon jagers volkomen gedekt, en hield eene Engelsche kolonne, die de linkerflank van de onze bedreigde, tegen.\u201d&nbsp;<\/em><\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-contrast-color has-text-color has-link-color wp-elements-73a30f426d860a272283a122d4328076\">Generaal Daendels werd die dag door twee huzaren uit de handen van de vijand gered. Een huzaar en vijf paarden sneuvelden, twee huzaren en drie paarden werden gewond. RH betrok hierna weer de kantonnementen in en bij Heiloo en Alkmaar. De mislukte aanval op de Zijpestelling kwam in Den Haag hard aan. In een door Brune\u2019s stafchef Dardenne opgesteld rapport werd niet gesproken van een mislukking maar van het handhaven van de stellingen. De opperbevelhebber prees verder het gedrag van de bepaalde Bataafse eenheden, namelijk jagers te voet, Regiment Huzaren en artillerie maar was minder tevreden over andere (infanterie)korpsen.<\/p>\n\n\n<div class=\"wp-block-image\">\n<figure class=\"aligncenter size-full\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"962\" height=\"622\" src=\"https:\/\/www.huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Engels-Russische-invasie-bij-Callantsoog-in-1799.png\" alt=\"\" class=\"wp-image-51740\" srcset=\"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Engels-Russische-invasie-bij-Callantsoog-in-1799.png 962w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Engels-Russische-invasie-bij-Callantsoog-in-1799-300x194.png 300w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Engels-Russische-invasie-bij-Callantsoog-in-1799-768x497.png 768w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Engels-Russische-invasie-bij-Callantsoog-in-1799-600x388.png 600w\" sizes=\"auto, (max-width: 962px) 100vw, 962px\" \/><figcaption class=\"wp-element-caption\">Engels-Russische invasie bij Callantsoog in 1799<\/figcaption><\/figure>\n<\/div>\n\n\n<p>Op 12 september landden op hun beurt de Russen en op 15 september was de invasiemacht gegroeid tot een sterkte van 33.000 man. Hierdoor gesterkt ging het Engels-Russische leger op haar beurt op 19 september in de aanval. De Gallo-Bataafse linie liep van Kamp via Groet, Warmenhuizen en Oudkarspel naar Oude Niedorp. De Engelse-Russische aanval werd in vier colonnes uitgevoerd. De eerste colonne bestond uit Russen en stond onder commando van <a href=\"https:\/\/en.wikipedia.org\/wiki\/Johann_Hermann_von_Fersen\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\"><strong>generaal Hermann<\/strong><\/a>. Ze moest vanuit Petten via Kamp en Groet proberen Bergen te nemen. De tweede colonne, o.l.v. generaal Dundas moest Warmenhuizen bezetten en vervolgens naar rechts wenden om de Russische colonne te dekken. De derde colonne, o.l.v. generaal Pulteney moest Daendels in diens sterke stelling langs de Langedijk aanvallen terwijl de vierde colonne, o.l.v. <strong><a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Ralph_Abercromby\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\">generaal Abercrombie<\/a><\/strong> zelf, een omtrekkende beweging moest maken tussen Daendels en de Zuiderzee.&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<p>De opmars van de Russische colonne verliep rampzalig. De achterhoede van de colonne vuurde op de voorhoede, waarna vervolgens later op de dag nog een paar keer de Russen op elkaar vuurden. Het dorp Groet werd met veel verliezen veroverd. Ook Schoorl werd bereikt. Bergen werd eveneens veroverd, weliswaar met veel verliezen vanwege zware Franse tegenstand die ondermeer met een artilleriebatterij een slachting aan richtte onder de Russen. Zware Franse tegenaanvallen heroverde Bergen echter terug en generaal Hermann werd zelfs gevangengenomen. Generaal Dumonceau raakte bij deze tegenaanval zelf gewond en zijn Franse eenheid raakte in een ge\u00efsoleerde positie en trok zich later terug. De Russen vielen echter daarna terug op de Zijpestelling van waaruit de aanval was begonnen. De aanval van de Russische colonne was dus mislukt, hetgeen de aanval van de andere drie colonnes geen goed deed. De tweede (Dundas) colonne bestond uit Engelsen en Russen en nam in de vroege ochtend Warmenhuizen in bezit. Om 09.00 uur werd Schoorldam bereikt. Dundas probeerde de vluchtende Russen te helpen door weer op Schoorl af te gaan, maar dit hielp niet. Hij moest ook terugtrekken.&nbsp;&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<p>De divisie Dumonceau had zich dus op 19 september onderscheiden bij hevige gevechten nabij Bergen. Vlak voor de Engels-Russische aanval betrok RH op 19 september om 0800 uur \u2019s morgens snel opstellingen bij Koedijk, Bergen en Schoorl. Het eskadron bij Bergen (weer onder overkoepelend bevel van luitenant-kolonel Collaert) nam daar deel aan de beslissende slag, waarbij een groot aantal Russische troepen werd ingesloten en gevangen genomen. De drie overige eskadrons van RH (onder bevel van kolonel Quaita) plaatsen zich dus in een stelling tussen Schoorl en Bergen en hielden hier met de linkervleugel aansluiting aan een Fransche kolonne. \u2019s Avonds om 18.00 uur trok kolonel Quaita met een eskadron huzaren en het 16<sup>e<\/sup>\u00a0Regiment Jagers naar voren om een aanval te plegen op vijandelijke infanterie. Die had echter Schoorl al veroverd, waarna de aanval niet werd doorgezet. Wel werd er een verkenning om Schoorl heen uitgevoerd naar het dorp Kamp. De verkenning werd tot Petten doorgezet, maar door een tirailleur gevecht tussen de voorhoede en vijandelijke ruiterij raakte \u00e9\u00e9n huzaar gewond en \u00e9\u00e9n vermist. Ook werden twee paarden gedood en \u00e9\u00e9n vermist. Het bij Schoorl geplaatste eskadron keerde om 19.00 terug bij het regiment.\u00a0<\/p>\n\n\n\n<p>De derde colonne (Pulteney) moest Langedijk aanvallen. Dit was een sterke stelling en nadat de Engelse drie vergeefse stormlopen op Oudkarspel hadden uitgevoerd, deinsden ze terug. Daendels werd hierdoor overmoedig en stelde zijn reserve, die nog in Sint Pancras lag, ter beschikking van Bonhomme die het bevel van de gewonde Dumonceau had overgenomen. Zelf deed hij een aanval op de tijdelijke Britse stelling achter de paralleldijk ten noorden van Oudkarspel. Deze aanval verliep niet goed en de Bataven werden teruggeslagen, waarna door het ontstane gat de Engelsen opdrongen en een snelle opmars deden naar Oudkarspel, Noord- en Zuid Scharwoude. Pas even ten noorden van Broek wist Daendels de oprukkende Engelsen met zijn laatste reserves tegen te houden. De situatie zag er dreigend uit, zeker omdat Pulteney na het binnentrekken van Heerhugowaard zich dreigde aan te sluiten bij de troepen van Dundas. Hiertoe moest echter een ringvaart worden overgestoken. Dit kostte tijd die Daendels benutte met een tegenaanval. Pulteney die de nederlaag van de Russische colonne had vernomen, trok zich terug en tegen de avond was de Langedijkstelling weer in handen van de troepen van Daendels.<\/p>\n\n\n\n<p>De vierde colonne (Abercrombie) opereerde tussen de troepen van Daendels en de Zuiderzee. Op zich vreemd, want de Engelse vloot was heer en meester op de Zuiderzee en amfibische operaties had meer kans op succes gehad. Hoorn en Enkhuizen hadden gemakkelijk vanuit zee veroverd kunnen worden, want die hadden nauwelijks militaire bezetting. Medemblik werd wel vanuit zee veroverd. De colonne van Abercrombie trok op 18 september naar Hoorn. Hier werd de militaire bezetting gevangen genomen en afgevoerd naar Britse schepen in Den Helder. Maar toen Albercrombie hoorde van de mislukte aanval van de Russische colonne trok hij weer terug naar de Zijpestelling. Bataafse troepen bezetten vervolgens weer Hoorn<\/p>\n\n\n\n<p>Tot begin oktober golfde de strijd heen en weer tussen Alkmaar en Schagen, maar toen gaf de Franse generaal Brune, die de Frans-Bataafse strijdmacht commandeerde, bevel terug te gaan op de lijn Uitgeest-Wijk aan Zee. Van Haarlem liep een brede inundatiegordel oost van Beverwijk en Akersloot en noord van Purmerend naar de Zuiderzee. Hierdoor werd het gevechtsterrein beperkt tot een smalle kuststrook aan de Noordzee.<\/p>\n\n\n<div class=\"wp-block-image\">\n<figure class=\"aligncenter size-full\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"943\" height=\"1062\" src=\"https:\/\/www.huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Regiment-Huzaren-Bataafse-Republiek-afb-4.png\" alt=\"\" class=\"wp-image-63148\" srcset=\"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Regiment-Huzaren-Bataafse-Republiek-afb-4.png 943w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Regiment-Huzaren-Bataafse-Republiek-afb-4-266x300.png 266w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Regiment-Huzaren-Bataafse-Republiek-afb-4-909x1024.png 909w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Regiment-Huzaren-Bataafse-Republiek-afb-4-768x865.png 768w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/Regiment-Huzaren-Bataafse-Republiek-afb-4-600x676.png 600w\" sizes=\"auto, (max-width: 943px) 100vw, 943px\" \/><\/figure>\n<\/div>\n\n\n<p>Nadat op 26 september opnieuw Russische versterkingen waren gearriveerd, probeerden de geallieerden het op 2 oktober opnieuw. Weer werden vier colonnes geformeerd, maar dit keer geconcentreerder. Abercrombie moest ditmaal over het strand van de Noordzee van Petten naar Egmond-aan-Zee oprukken met 9.000 man. Daarna moest hij links uit de flank naar Egmond-aan-den-Hoef marcheren om van daaruit de voor de tweede en derde colonne terug te drijven Frans-Bataafse troepen de pas af te snijden. De tweede colonne bestond uit 8.300 Russen onder generaal-majoor Essen. Die moest via Groet en Schoorl een aanval doen op Bergen. De derde colonne was 6.000 man sterk en stond onder bevel van Dundas. In drie\u00ebn verdeeld moest ze vooral de tweede colonne steunen en Schoorldam bezetten. Pulteney commandeerde de vierde colonne en moest met 7.000 man vooral Daendels in bedwang houden die nog steeds in de onneembaar geachte Langedijkstelling lag.<\/p>\n\n\n\n<p>Het Frans-Bataafse leger telde 20.000 man. Op rechts lag de Bataafse divisie van Daendels in de Langedijkstelling. Vervolgens de door generaal Bonhomme gecommandeerde Bataafse divisie van Dumonceau (nog steeds gewond) met als centrum Koedijk. Daarnaast lagen twee Franse divisies. Die van Vandamme met centrum Bergen en die van generaal Gouvion in de duinen ten noordwesten van Bergen.&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<p>Om half zeven in de ochtend begon de aanval. Aanvankelijk verliep de opmars voorspoedig, maar bezuiden de lijn Kamp-Hargen-Groet werden de duinen plotseling ontzettend breed en verdwaalde \u00e9\u00e9n van de voorhoede van de colonne van Abercrombie. De opmars van de Russische colonne (o.l.v. generaal-majoor Essen) verliep te traag, uit angst voor flankaanvallen. Koedijk werd bereikt en Bergen werd nu bedreigd door de aanvallers. De grootte van de duinen ten westen van Bergen gaf echter veel problemen. De Engelsen probeerden het gevaar hier te beteugelen door te proberen het hele duinengebied te bezetten. Versterkingen werden hiertoe aangevoerd.&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<p>De Franse opperbevelhebber Brune zag dit gebeuren en concentreerde zijn troepen hier op een smal front tussen Bergen en de zee. Dit front volgde het schelpenpad. Hier lag de divisie van Vandamme, die opdracht kreeg om indien mogelijk ook een aanval uit te voeren op de Russische divisie van Essen. Zijn divisie werd hiertoe versterkt met twee bataljons infanterie, een regiment dragonders en rijdende artillerie. Bonhomme moest daarnaast ook drie bataljons infanterie en zijn Regiment Huzaren afstaan aan Vandamme. De huzaren waren aanvankelijk vooral nodig om langs de duinpaden munitie te brengen naar de verspreid schietende infanterie.\u00a0De aanval op de divisie Essen mislukte echter. Bovendien veroverde de colonne van Dundas een deel van het schelpenpad en maakten contact met de colonne van Abercrombie. Later die dag viel het hele schelpenpad in handen van de Engelsen. Het Frans-Bataafse leger hield weliswaar Bergen nog bezet, maar de duinen waren verloren gegaan en in Engelse handen. Abercrombie stootte door naar Egmond-aan-Zee. Op 2 oktober zette het Regiment Huzaren, op het strand bij Egmond aan Zee, bij het vallen van de duisternis de aanval in op Engelse ruiterij, die twee keer zo sterk was en vuursteun kreeg van artillerie in de duinen. De huzaren kregen zelf vuursteun van de batterij Rijdende Artillerie van kapitein H.F. Cord\u00e8s. Syptestein schrijft\u00a0 hierover<sup data-fn=\"5263191b-d5df-4223-a0e6-673e3cc9636e\" class=\"fn\"><a href=\"#5263191b-d5df-4223-a0e6-673e3cc9636e\" id=\"5263191b-d5df-4223-a0e6-673e3cc9636e-link\">11<\/a><\/sup>:<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-accent-color has-text-color has-link-color wp-elements-b1bb94ca15591e92a2650a83e1792172\"><em>\u201c\u2026toen zij, \u2019s middags ten 5 uur, van den opper-bevelhebber Brune bevel kregen, zich naar het strand bij Egmond aan Zee te begeven. Daar aangekomen marcheerde het regiment, op last van den Franschen divisie-generaal Van Damme, op het strond, onder een hevig geweer- en kanonvuur, voorwaarts. Op hetzelfde oogenblik dat de Fransche kavallerie door het hevig kanonvur genoodzaakt werd terug te trekken, deed het regiment Bataafsche Hussaren den aanval tegen de vijandelijke ruiterij, die, behalve hare dubbele sterkte, gesteund werd door talrijke korpsen infanterie, die van de hoogte op de Hussaren vuurden. Deze aanval, welke in de duisternis geschiedde, kon niet met eenen goeden uitslag worden bekroon<\/em>&#8220;<\/p>\n\n\n\n<p>Luitenant J. Lechleitner, een huzaar en vier paarden sneuvelden. Elf huzaren en tien paarden werden vermist. Luitenant Jean-Baptiste van Merlen werd gesneuveld gemeld, doch laat in de avond werd hij door de opkomende vloed weer tot bewustzijn gebracht en hij slaagde erin zich weer bij het regiment te voegen. In 1815 zou hij bij Waterloo de 2e Brigade Ligte Cavalerie commanderen.&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<p>Brune gaf Daendels opdracht om op de rechterflank de sterke Langedijkstelling lost te laten en terug te vallen naar de stelling bij Purmerend-Monnickendam om Amsterdam te beschermen. Op de linkerflank werden de troepen op 3 oktober ook iets teruggenomen tot de linie Beverwijk. De divisie Gouvion van Wijk-aan-Zee tot Heemskerkerduin. De divisie Boudet van Heemskerkerduin tot Uitgeest. Beide divisie\u201ds vielen onder het opperbevel van Vandamme. Op 3 oktober viel RH daarom, nadat eerst nog een verkenning was uitgevoerd onder leiding van ritmeester M.J.G. Collaert, om 13.00 uur terug op Wijk aan Zee, maar begon de volgende dag weer met verkenningen richting Castricum, waarbij een brigadier, vijf huzaren en zes paarden door de vijand gevangen werden genomen. Op 4 oktober om 16.00 uur werd naar Castricum gemarcheerd.&nbsp;<em><\/em><\/p>\n\n\n<div class=\"wp-block-image\">\n<figure class=\"aligncenter size-full\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"935\" height=\"499\" src=\"https:\/\/www.huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/2-oktober-1799-slag-bij-Egmond-aan-Zee.png\" alt=\"\" class=\"wp-image-51742\" srcset=\"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/2-oktober-1799-slag-bij-Egmond-aan-Zee.png 935w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/2-oktober-1799-slag-bij-Egmond-aan-Zee-300x160.png 300w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/2-oktober-1799-slag-bij-Egmond-aan-Zee-768x410.png 768w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/2-oktober-1799-slag-bij-Egmond-aan-Zee-600x320.png 600w\" sizes=\"auto, (max-width: 935px) 100vw, 935px\" \/><figcaption class=\"wp-element-caption\"><em>2 oktober 1799, slag bij Egmond aan Zee<\/em><\/figcaption><\/figure>\n<\/div>\n\n\n<p>De mogelijkheden voor een aanval op Amsterdam waren nu beperkt door uitgestrekt inundaties. Aan beide zijden was er daarom een duidelijke concentratie op een front dat zich uitstrekte tussen het Alkmaarder of Lange Meer en de Noordzee, hemelsbreed ten hoogste tien kilometer breed. Engelse eenheden kregen op 6 oktober opdracht de vijandelijke voorposten bij Bakkum aan te vallen, terwijl Russische eenheden die moesten doen bij Limmen en Akersloot. Abercrombie moest opnieuw langs het strand naar het zuiden marcheren. De Russische acties bij Limmen Akersloot hadden succes en de Russen vielen daarna Castricum aan, terwijl de Engelsen over het strand oprukten. De Franse cavalerie op het strand en in de duinen werd door de Engelse cavalerie verjaagd en de 51<sup>ste<\/sup>\u00a0Demi-Brigade sloeg op de vlucht. Castricum wisselde gedurende de dag meerdere malen van eigenaar. De veldslag werd deels op het strand en in de duinen uitgevochten, maar ook in de weilanden en polders. Aan het eind van de dag besloot de Russische bevelhebber om de Franse troepen te flankeren, maar zijn opmars liep vast in een aantal sloten rondom een weiland. Bij het gehucht Nooddorp werd door de Fransen een haastige stelling ingericht, terwijl onder leiding van Brune zelf, vijf bataljon Fransen en Bataven uit Beverwijk aanrukten. Kolonel de Quaita had van generaal Brune intussen opdracht gekregen om in de strijd in te grijpen als hij dat zelf nodig vond. Tweehonderd Engelse dragonders braken van het dorp uit even ten oosten door en dreigden de Frans-Bataafse infanterie in de rug aan te vallen. Kolonel Quaita ondernam met een eskadron huzaren een tegenaanval en de vijand werd op de vlucht gejaagd. Vanwege de vermoeidheid van de paarden moest de achtervolging worden gestaakt. Eerste luitenant Sypestein<sup data-fn=\"9aca3aa4-3855-4303-a251-868344335771\" class=\"fn\"><a href=\"#9aca3aa4-3855-4303-a251-868344335771\" id=\"9aca3aa4-3855-4303-a251-868344335771-link\">12<\/a><\/sup>:<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-accent-color has-text-color has-link-color wp-elements-14a96e848f47df621b9c6ffc4f07bd5b\">&#8220;<em>twee honderd Engelsche dragonders, die de Fransche infanterie in den rug dreigden aan te vallen, werden door Quaita met 130 Hussaren aangetast. Uit elkander geslagen, werd de vijand naar alle zijden op de vlugt gejaagd, en het was alleen aan de groote vermoeidheid van de paarden te wijten, dat hij niet genoegd vervolgd kon worden.\u201d\u00a0<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>Omdat ook de vijf bataljons infanterie inmiddels waren gearriveerd, werden de Russische troepen genoodzaakt zich terug te trekken, waarop ook de Britse soldaten besloten te vluchten. De cavalerie werd nu in linies opgesteld met het regiment Bataafsche Huzaren in 1<sup>e<\/sup>\u00a0linie, het Franse regiment Dragonder No.10 in tweede linie en de Fransche Jager te Paard No.4 in derde linie. Alles op de linkerzijde en links achter het centrum van de Nederlands-Franse troepen.<\/p>\n\n\n\n<p>Om vijf uur was Castricum met de bajonet veroverd door de Fransen en Bataven. Juist op dat moment kwam Abercrombie naar Castricum, maar op dat moment begon het hard te regenen. De Russen, gesterkt door de komst van Abercrombie, drongen ook weer aan en de Fransen en Bataven begonnen te wijken, maar twee Franse generaals (Boudet en Fuzier) wisten hen bij het hoge duin ten zuiden van Castricum op te vangen en weer naar voren te dirigeren. Op dat moment herhaalde de Engelse cavalerie een manoeuvre die eerder was mislukt, de omtrekking van de linkervleugel van het vijandelijke leger en een aanval op de infanterie in de vlakte ten noorden van Heemskerk. Kolonel de Quaita gaf luitenant-kolonel Collaert opdracht de tegenaanval in te zetten en moedigde Franse infanterie en cavalerie aan om zich hierbij aan te sluiten. Hij inspireerde de Franse infanterie om te stoppen met vuren en met de bajonet aan te vallen.\u00a0Kolonel Quatia riep de infanterie toe<sup data-fn=\"2766e722-1531-4766-a294-aa7028817c6d\" class=\"fn\"><a href=\"#2766e722-1531-4766-a294-aa7028817c6d\" id=\"2766e722-1531-4766-a294-aa7028817c6d-link\">13<\/a><\/sup>:<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-accent-color has-text-color has-link-color wp-elements-e9a125112b5651117f58b5639877b131\"><em>\u201cLa cavalerie charge! Ne tirez plus! En avant, enfants de la patrie, battez la charge aux bajonnettes!&nbsp;Pas de charge!\u201d&nbsp;<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>De aanval van de huzaren werd gevolgd door het 10<sup>e<\/sup>\u00a0Regiment Dragonders en het 4<sup>e<\/sup>\u00a0Regiment Jagers te Paard en was een compleet succes. De Engelse cavalerie leed zware verliezen en werd op de vlucht gejaagd. De Engelse infanterie werd teruggedreven naar Bakkum en de Russen zelfs tot Limmen. De slag was gewonnen, maar invallende duisternis belette het uitbuiten van het succes. Vier paarden waren gesneuveld. Ritmeester M.J.G. Collaert, wachtmeester Thonhauser, zes huzaren en twee paarden werden gewond. 4 huzaren en 5 paarden werden vermist. Een dreigende nederlaag was door het Regiment Huzaren omgezet in een beslissende overwinning. De invasietroepen werden vanaf nu steeds verder in noordelijke richting teruggedrongen.\u00a0<\/p>\n\n\n\n<p>&nbsp;<\/p>\n\n\n<div class=\"wp-block-image\">\n<figure class=\"aligncenter size-full\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"664\" height=\"620\" src=\"https:\/\/www.huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/6-oktober-1799-slag-bij-Castricum-.png\" alt=\"\" class=\"wp-image-51743\" srcset=\"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/6-oktober-1799-slag-bij-Castricum-.png 664w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/6-oktober-1799-slag-bij-Castricum--300x280.png 300w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/6-oktober-1799-slag-bij-Castricum--600x560.png 600w\" sizes=\"auto, (max-width: 664px) 100vw, 664px\" \/><figcaption class=\"wp-element-caption\"><em>6 oktober 1799, slag bij Castricum&nbsp;<\/em><\/figcaption><\/figure>\n<\/div>\n\n\n<p>Opmerkelijk was een kleine, doch zeer succesvolle actie van de al eerder genoemde kapitein Cord\u00e8s van de artillerie. Met een gemengde eenheid van vrijwilliger (50 infanteristen, 40 man van het 1<sup>e<\/sup>&nbsp;Regiment Zware Cavalerie (stameenheid Regiment Huzaren van Sytzama) en 16 artilleristen) wist hij na een verbeten strijd een Engels bataljon bij Akersloot op de vlucht te jagen en tien krijgsgevangenen te maken, ten koste van slechts vier gewonde paarden.&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<p>Op 8 oktober werd vanuit Castricum en omgeving verplaatst naar Bergen en Schoorl. Vanuit Schoorl werd de vijand achtervolgd tot aan Petten door luitenant-kolonel Collaert met drie compagnie\u00ebn huzaren. Zij kwamen terug met 200 krijgsgevangenen. Nadat de geallieerden verslagen waren in de slag bij Castricum volgde een chaotische terugval. Veel van de Britse en Russische soldaten werden getroffen door malaria en de plaatselijke bevolking had zich tegen de geallieerden gekeerd. Daarnaast maakte het slechte weer het onmogelijk om de troepen weer in te schepen. Op 10 oktober tekenden de strijdende partijen de Conventie van Alkmaar waarbij de geallieerden troepen terug mochten trekken met behoud van hun buit, en zonder herstelbetaling te hoeven doen. Als dank kreeg de Franse generaal Brune een aantal paarden cadeau van de hertog van York.&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<p>Het door Brune gesloten verdrag was zeer ongunstig voor de Bataafse Republiek. Dit ondanks het feit dat de strijd gestreden was op Bataafs grondgebied en het gros van de slachtoffers Bataven waren. De Bataven waren zelfs niet uitgenodigd aan de onderhandelingstafel. De vijandelijke troepen kregen dus vrije aftocht en de Britten hoefden de buitgemaakte Bataafse vloot ook niet terug te geven. Over herstelbetalingen voor de geleden schade of het teruggeven van de veroverde koloni\u00ebn werd met geen woord gerept. Ondanks de lovende Franse reacties op het militaire optreden van de troepen onder Daendels en Dumonceau, werden de Bataven kennelijk niet voor vol aangezien en werd er over hen beslist en niet met hen.<sup data-fn=\"efd5f53c-65d1-4e44-881f-ef5f28fa32ae\" class=\"fn\"><a href=\"#efd5f53c-65d1-4e44-881f-ef5f28fa32ae\" id=\"efd5f53c-65d1-4e44-881f-ef5f28fa32ae-link\">14<\/a><\/sup><\/p>\n\n\n\n<p>Het Regiment Huzaren trok zich op 10 oktober terug naar Heijloo, waar het zich met de divisie van luitenant-generaal Dumonceau verenigde. Op 17 oktober werd naar Broek, Zuid- en Noord-Scharwoude getrokken, maar \u00e9\u00e9n eskadron werd in Zuid-Winskerk geplaatst. Dit eskadron werd onderdeel van de voorhoede van de divisie. Deze voorhoede stond onder bevel van de beproefde luitenant-kolonel Collaert.<\/p>\n\n\n<div class=\"wp-block-image\">\n<figure class=\"aligncenter size-full\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"729\" height=\"1018\" src=\"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/slag-bij-Castricum.png\" alt=\"\" class=\"wp-image-63469\" srcset=\"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/slag-bij-Castricum.png 729w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/slag-bij-Castricum-215x300.png 215w, https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/07\/slag-bij-Castricum-600x838.png 600w\" sizes=\"auto, (max-width: 729px) 100vw, 729px\" \/><figcaption class=\"wp-element-caption\"><em>Slag bij Castricum. Rechts op het schilderij ruiters van het Regiment Huzaren<\/em><\/figcaption><\/figure>\n<\/div>\n\n\n<p>Op 19 november scheepten de laatste Engelse en Russische troepen zich weer in. Het Regiment Huzaren ging hierna terug naar Groningen (3<sup>e<\/sup>\u00a0en 4<sup>e<\/sup>\u00a0eskadron) en Leeuwarden (1<sup>e<\/sup>\u00a0en 2<sup>e<\/sup>\u00a0eskadron). Generaal Dumonceau schreef in zijn brief van 1 november 1799 aan de Bataafse Agent van Oorlog (minister) dat het Regiment Huzaren op 6 oktober de slag bij Castricum een beslissende wending had gegeven waardoor deze in Frans-Bataafs voordeel kon worden beslist. Hij schreef<sup data-fn=\"55d7b2ec-2e47-4468-b737-88f0ab51d9fb\" class=\"fn\"><a href=\"#55d7b2ec-2e47-4468-b737-88f0ab51d9fb\" id=\"55d7b2ec-2e47-4468-b737-88f0ab51d9fb-link\">15<\/a><\/sup>:<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-accent-color has-text-color has-link-color wp-elements-cec5d6045132b8900e8e812b37006cc7\"><em><em>\u201cHet regiment Hussaren heef zich zeer gedistingueerd dan 2 en 6 October; maar voonnamelijk in de bataille van Castrikum. Men zou misschien het geringste aan de waarheid te kort doen, wanneer men beweerde, dat dit regiment alleen dien dag, ten onze voordeele beslist heeft. De generaal der divisie van Damme, zo hiervan de getuigenis kunnen geven \u2013 er heerscht bij dit regiment een eivismus, een ijver en liefde tot de dienst, die alles overtreft en die voorkomen beantwoordt aan de intelligentie van zijn waardige chefs.\u201d<\/em>\u00a0<\/em><\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-contrast-color has-text-color has-link-color has-medium-font-size wp-elements-51be7e3cd13c6f3f39feba087d10dea6\"><strong>Veldtocht in Duitsland tegen Oostenrijk<\/strong><\/p>\n\n\n\n<p>In 1799 kwam in Frankijk de succesvolle en populaire generaal Napoleon Bonaparte aan de macht. Als eerste consul bepaalde hij voortaan de verhoudingen tussen Frankrijk en de Bataafse Republiek. Niet lang na het vertrek van de Engelsen en Russen uit Noord Holland kwam vanuit Parijs een verzoek om militaire bijstand. Op basis van het Verdrag van Den Haag eiste Bonaparte een militaire bijdrage van de Bataafse Republiek in de strijd tegen Oostenrijk. In de zomer van 1800 vertrok een Frans-Bataafs leger onder leiding van divisiegeneraal P.F.C. Augereau vanuit een kamp bij Eindhoven naar de regio rond Mainz, waar het de linkervleugel moest beschermen van het Rijnleger van generaal J.V.M. Mourau. Naast twee Franse divisies telde\u00a0<em>l\u2019arm\u00e9e gallo-batave<\/em>\u00a0een Bataafse divisie van ongeveer 5000 man aangevoerd door Dumonceau. De Bataafse divisie nam vervolgens van juli 1800 tot maart 1801 deel aan de Franse winterveldtocht langs de Main tegen Oostenrijk.<sup data-fn=\"5d904701-389d-4ad1-ad90-012183718e8f\" class=\"fn\"><a href=\"#5d904701-389d-4ad1-ad90-012183718e8f\" id=\"5d904701-389d-4ad1-ad90-012183718e8f-link\">16<\/a><\/sup><\/p>\n\n\n\n<p>Het Regiment Huzaren maakte met het 1<sup>e<\/sup>\u00a0en 2<sup>e<\/sup>\u00a0eskadron deel uit (o.l.v. luitenant-kolonel Collaert) van de 2e Brigade (waarover kolonel Quaita tijdelijk het bevel voerde) die op haar beurt was ingedeeld bij de 4<sup>e<\/sup>\u00a0divisie onder bevel van generaal-majoor Bonhomme. Luitenant-generaal Augereau was de legercommandant. Opnieuw beveiligde het Arm\u00e9e du Nord de linkerflank van de Franse Grande Arm\u00e9e, onder leiding van generaal Moureau. De bij de twee eskadrons ingedeelde officieren waren luitenant-kolonel M.A. Collaert, 2e luitenant-adjudant J.P. Weitzel, chirurgijn-majoor J.G. Misselbach, aide-chirurgijn P. Henop, ritmeesters M.J.G. Collaert, J.A. Wantenaar, E.A. van Hin\u00fcber, J.B. van Merlen en J.F Seyerlen. De 1<sup>e<\/sup>\u00a0luitenants waren J.E.N. van Attenhoven, C. Lechleitner, A.J. Hoijnck van Papendrecht, C.F. Sta\u00ebdel, J.P. Molenaar, P.C. Vermeulen en U.H. Huber. De ingedeelde 2<sup>e<\/sup>\u00a0luitenants waren J.Q. Kummich, J.A. Horch, B. van Gaart, J.C. Muller, W. Dahmen, J.P. Schreiber en J.C.F. Pfaff.<sup data-fn=\"9855a188-e6b5-43d8-bd32-28096556f28b\" class=\"fn\"><a href=\"#9855a188-e6b5-43d8-bd32-28096556f28b\" id=\"9855a188-e6b5-43d8-bd32-28096556f28b-link\">17<\/a><\/sup><\/p>\n\n\n\n<p>De twee eskadrons van het regiment gingen op 18 juli naar Duitsland en kwam op 22 juli in Keulen aan. Op 26 juli werd vervolgens Lahn bereikt en op 7 augustus waren ze in Homburg en werd plaatsgenomen in de \u2018Nidda\u2019 linie. Het hoofdkwartier kwam in Friedberg terecht. Op 5 september werd de wapenstilstand tussen Oostenrijk en Frankrijk opgezegd en werden de eenheden meer geconcentreerd. De twee eskadrons huzaren kwamen nu in Nieder-Wilstadt terecht. Het hoofdkwartier kwam na verhuizingen uiteindelijk medio november in Amorbach terecht. De eenheden werden langs de rivier de Tauber gepositioneerd.<\/p>\n\n\n\n<p>Het regiment nam deel aan gevechten in de omgeving van W\u00fcrzburg. Op 24 november om 16.00 uur deden 1800 man Oostenrijkse troepen een onverwachte aanval vanuit Asschaffenburg. Deze aanval liep vast op het 4<sup>e<\/sup>\u00a0bataljon Bataafse Jagers en werd daarna door herhaalde charges van de eskadrons van het Regiment Huzaren teruggeslagen. Hierna ontruimde de vijand Asschaffenburg, achtervolgd door de huzaren. Luitenant-kolonel Collaert werd hierbij zwaar gewond. Op 16 juni 1801 kreeg hij voor deze krijgsverrichtingen een eresabel van het \u2018uitvoerend bewind\u2019 van de Bataafse Republiek.\u00a0Sypestein schrijft<sup data-fn=\"cc79b496-12d3-402c-8108-2acf3bc72128\" class=\"fn\"><a href=\"#cc79b496-12d3-402c-8108-2acf3bc72128\" id=\"cc79b496-12d3-402c-8108-2acf3bc72128-link\">18<\/a><\/sup>:<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-accent-color has-text-color has-link-color wp-elements-581ea6301aa4fd849cf4c3ff12cbcb7d\"><em>\u201cde jagers, wederstonden den aanval met de grootste onverschrokkenheid, en den luitenant-kolonel Collaert gelukte het, na eenen driemaal herhaalden aanrid met de Hussaren, den vijand in den stad terug te drijven, die daarop Asschaffenburg ontruimden en door de dappere Hussaren werden achtervolgd. De luitenant-kolonel Collaert werd door een geweerschot in den arm, en door een ander in den onderbuik zwaar gewond. Van den ritmeester Seijerlen en den opperwachtmeester Reno werden de paarden doodgeschoten.\u201d&nbsp;<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>Kolonel Quaita commandeerde nog steeds de brigade. Op 2 december verdreef hij met 600 Bataafse en Franse troepen, waaronder Bataafse huzaren en dragonders, 1200 man Oostenrijkse troepen bij Oberschwach. Hierbij sneuvelden vijf huzaren en vijf paarden. Acht paarden waren gewond, o.a. die van 1<sup>e<\/sup>\u00a0luitenant C.F. Sta\u00ebdel en van de 2<sup>e<\/sup>\u00a0luitenant J.P Schreiber. Eerste luitenant Sypestein schrijft hierover<sup data-fn=\"276c26fc-1664-465f-a04f-ac07848cbfb8\" class=\"fn\"><a href=\"#276c26fc-1664-465f-a04f-ac07848cbfb8\" id=\"276c26fc-1664-465f-a04f-ac07848cbfb8-link\">19<\/a><\/sup>:<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-accent-color has-text-color has-link-color wp-elements-93c494aee0bad7511f73d6f3e084e2d4\"><em>\u201cMet 600 man Franschen en Bataven joeg de kolonel Quaita, op den 2 December, 1200 Oostenrijkers, van Oberschwach naar de andere zijde van Burgweiningen op de vlugt; veel volk verliezende en 14 wagens met gekwetsten achter latende. Het gevecht was \u2019s morgens ten 8 uur begonnen en duurde tot den nacht. De Fransche commandant der voorhoede, de Bataafscge Hussaren niet genoeg ondersteunende, kreeg de kolonel Quaita bevel, op het klooster Eberbach terug te trekken, dat met zeer veel beleid werd uitgevoerd, in het gezigt van den vijand, zonder \u00e9\u00e9n man te verliezen.\u201d&nbsp;<\/em><\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-contrast-color has-text-color has-link-color wp-elements-674b0b48a09228c671ac7cd6ba956b3c\">De volgende dag werden de huzaren ingezet om met succes de vijandelijke linkervleugel te omtrekken en&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-accent-color has-text-color has-link-color wp-elements-65c691f0d98ab65c99704047ba1999b2\"><em>\u201cwerkten dus krachtig mede, den vijand den terugtogt te noodzaken.\u201d&nbsp;<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>aldus Sypesteijn.<\/p>\n\n\n\n<p>Op 25 december werd te Steier een wapenstilstand besloten door Moreau en de Oostenrijkse bevelhebber. Na een reeks verdere overwinningen van het Franse leger in Itali\u00eb onder Napoleon Bonaparte, werd eerst vrede met Oostenrijk gesloten (9 februari 1801 vrede van Luneville) en daarna bijna een jaar later, in maart 1802 de Vrede van Amiens met Spanje en Engeland. Op 27 maart 1801 begon al eerder de terugtocht uit Wertheim. Via Frankfurt (1 april), Coblenz (7 april), Keulen (11 april) en Nijmegen (19 april) werden eind april 1801 voor korte tijd de nieuwe garnizoenen in Zutphen en Deventer betrokken. De verliezen van de twee eskadrons van RH waren beperkte gebleven tijdens deze campagne. 3 man en 24 paarden waren gesneuveld, 9 man en 14 paarden gewond en 14 man krijgsgevangenen gemaakt door de vijand. 21 paarden waren vermist geraakt. Tussentijds was vanuit het depot wel versterking ontvangen, namelijk 113 man en 121 paarden. De sterkte van de twee eskadrons was dus redelijk stabiel gebleven.\u00a0<\/p>\n\n\n\n<p>Het regiment en de rest van de Bataafse Divisie mochten veel loftuitingen ontvangen. Sypestein schrijft over de vele brieven die vanuit meerdere hoeken werden geschreven over het regiment<sup data-fn=\"1f25aa4d-1778-4052-8856-ea33d58a920a\" class=\"fn\"><a href=\"#1f25aa4d-1778-4052-8856-ea33d58a920a\" id=\"1f25aa4d-1778-4052-8856-ea33d58a920a-link\">20<\/a><\/sup>:<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-accent-color has-text-color has-link-color wp-elements-f21ee01a23b7c25c62aee54f1732562d\"><em>\u201callen geschreven aan den luitenant-generaal Dumonceau; waarin de schoonste getuigenissen worden gegeven van het gedrag der Bataafsche troepen, die door eene stipte krijgstucht te handhaven, het opbrengen van zware offers door de inwoners van de onderscheidene streken, waar zij zich ophielden, hebben mogelijk gemaakt en door het volgen der bevelen van hunnen achtingswaardigen aanvoerder, zijnen naam en die der Bataven, in de gewesten, in dankbare herinnering hebben doen blijven.\u201d<\/em><\/p>\n\n\n\n<p>De rest van het regiment werd intussen ook verplaatst en van Noord Nederland weer naar West Nederland verplaatst. De reden was dat Napoleon een groot deel van zijn troepen samentrok aan de Kanaal-havensteden om af te kunnen rekenen met zijn aartsrivaal Groot-Brittanni\u00eb. Ook de Bataafse Republiek moest hieraan een bijdrage leveren met haar vloot en 9000 landtroepen. Deze divisie, weer onder bevel van generaal Dumonceau, maakte deel uit van het IIe Legerkorps onder bevel van generaal Marmont. Uiteindelijk zou het nog twee jaar duren voordat er genoeg schepen voorhanden waren om de oversteek te wagen. Al die tijd lagen de troepen in grote kampen of op de reeds gereed zijnde schepen te wachten.<sup data-fn=\"d643c4ab-4128-42d4-b0ba-51863cd5d033\" class=\"fn\"><a href=\"#d643c4ab-4128-42d4-b0ba-51863cd5d033\" id=\"d643c4ab-4128-42d4-b0ba-51863cd5d033-link\">21<\/a><\/sup><\/p>\n\n\n\n<p>In de laatste maanden van 1802 lag het regiment weer in Haarlem en het 1<sup>e<\/sup>&nbsp;en 2<sup>e<\/sup>&nbsp;eskadron in Amsterdam. In de winter van 1802\/03 werd het 3<sup>e<\/sup>&nbsp;eskadron naar Den Bosch gestuurd. Dit eskadron werd vervolgens in juni 1803 weer teruggehaald naar Amsterdam. Toen werd ook het depot uit Haarlem naar Amsterdam overgeheveld. Later schijnt het depot toch weer in Groningen terecht zijn gekomen. De beide andere veldeskadrons van het Regiment Bataafsche Huzaren waren kort na de aankomst in Nijmegen weer verzameld met de staf van het regiment. Slechts een detachement van 1 luitenant, 2 wachtmeesters, 4 korporaals en 24 huzaren was naar Almaar gezonden voor kustbewaking. Hier lag de divisie van generaal Daendels intussen in opstelling. Dit verblijf in Noord Holland, duurde wel lang, namelijk van 25 april 1801 tot en met 27 augustus 1806.&nbsp;&nbsp;Daarna pas keerde het detachement terug naar het regiment wat t oen in Deventer en Zutphen lag.&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-medium-font-size\"><strong>Napoleon aan de macht<\/strong><\/p>\n\n\n\n<p>Frankrijk had na de veelhoofdige leiding tijdens het begin van de revolutie, een uitvoerend bewind van vijf man gekregen en daarna kregen drie consuls de macht. Nu bleef daarvan alleen Napoleon over als Consul voor het leven. De Erfprins van Oranje werd door bemiddeling van de Bataafse gezant in Parijs, Rutger Jan <strong><a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Rutger_Jan_Schimmelpenninck_(1761-1825)\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\">Schimmelpenninck<\/a><\/strong>, door Napoleon ontvangen. Hij kreeg in ruil voor zijn verloren bezittingen in de Bataafse Republiek, nieuwe in Duitsland: Fulda, Corvey en enige rijkssteden, wat hem een inkomen van bij benadering een half miljoen gulden per jaar opleverde.<\/p>\n\n\n\n<p>Even leek de Bataafse Republiek omhoog te krabbelen uit het dal van de economische mis\u00e8re, maar de vrede duurde niet lang. Bij het uitbreken van de nieuwe oorlog lagen veel schepen in Engelse havens en werden daar geconfisqueerd. Aan de expeditie naar Hannover, die op 6 juni 1803 van start ging, nam het Regiment Huzaren pas deel na de reorganisatie van het expeditiekorps op 25 november 1803 met het 1e en het 4e eskadron. Dat was na de reorganisatie van het expeditiekorps. Hiervan zijn geen bijzondere wapenfeiten overgeleverd. Kolonel Quaita werd bevorderd tot generaal-majoor en luitenant-kolonel Collaert werd nu officieel regimentscommandant en kolonel.In 1804 kroonde Napoleon zichzelf tot Keizer van Frankrijk. Op zijn aanwijzing werd op 29 april 1805 Rutger Jan Schimmelpenninck staatshoofd voor vijf jaar met de titel van Raadpensionaris. Het beleid werd echter vanuit Frankrijk gedicteerd en verder had Schimmelpenninck ook weinig armslag door de desolate toestand van &#8216;s-lands financi\u00ebn. De invoering van het Continentaal Stelsel, dat de eens zo bloeiende handel en scheepvaart, waarvan sedert 1795 toch al niet zoveel meer van over was, nog verder inperkte, was een zware slag voor het toch al zo verarmde land. Een van de middelen die Schimmelpenninck gebruikte om &#8216;s lands deplorabele financi\u00eble toestand te verbeteren, was een inkrimping van het leger. De halve brigades waren in 1803 al ontbonden en het leger werd georganiseerd in 21 losse bataljons. Dit was niet doelmatig en in 1805 werd opnieuw gereorganiseerd. De 21 bataljons werden omgevormd tot 8 regimenten van elke 2 veldbataljons en een garnizoensbataljon. De 4 jager bataljons vormden 2 regimenten lichte infanterie en 1 van de 4 regimenten cavalerie werd opgeheven. Wel kreeg de raadspensionaris een eigen garde van ongeveer 130 man, waarin alle wapens waren verenigd. De reorganisatie was funest voor de kwaliteit van het leger. Verandering op verandering volgde zonder dat de officieren en manschappen de tijd kregen om aan elkaar te wennen. Ook waren er problemen bij het officierskorps. Talentvolle officieren werden ontslagen, terwijl hun slecht functionerende collega\u2019s soms promotie maakten. Geld en connecties waren en bleven vaak belangrijker dan kennis en ervaring. Nepotisme was nog lang niet uitgebannen in het Bataafse leger.<sup data-fn=\"fea5cc45-14f1-4a07-8b32-5d2c50ea1984\" class=\"fn\"><a href=\"#fea5cc45-14f1-4a07-8b32-5d2c50ea1984\" id=\"fea5cc45-14f1-4a07-8b32-5d2c50ea1984-link\">22<\/a><\/sup><\/p>\n\n\n\n<p>De cavalerie moest dus terug van 4 naar 3 regimenten. Op 11 juni 1805 werden als gevolg daarvan onder andere het 1e en 2e Regiment Lichte Dragonders samengevoegd tot 2e Regiment Dragonders. Het Regiment Dragonders werd toen 1<sup>e<\/sup>\u00a0Regiment Dragonders. Het Regiment Huzaren hoefde niet in te leveren, behalve dan kolonel Collaert. Kolonel John Macpherson werd de nieuwe regimentscommandant. Helaas werd wel de sterkte van de afzonderlijke compagnie\u00ebn verminderd. Van 77 terug naar 60 ruiters. In 1805 werd dit getal weer vergroot naar 72 ruiters. De kosten van het regiment in deze tijd zijn ook bekend, namelijk Fl. 223636. In 1805 bestond het regiment uit 476 \u2018hoofden\u2019 en 496 paarden.<sup data-fn=\"721dbb20-4c48-4868-823f-8660da1f9fc4\" class=\"fn\"><a href=\"#721dbb20-4c48-4868-823f-8660da1f9fc4\" id=\"721dbb20-4c48-4868-823f-8660da1f9fc4-link\">23<\/a><\/sup><\/p>\n\n\n\n<p>Op 7 augustus 1805 werd de Bataafse Divisie, waarbij twee eskadrons van het Regiment Huzaren, na verzameld te zijn geweest in het grote legerkamp bij Zeist, ingescheept te Den Helder voor een invasie van Engeland. De twee eskadrons stonden onder leiding van kolonel M.A Collaert, bijgestaan door luitenant-kolonel E.A. von Hinuber. J.L. Renno was 2<sup>e<\/sup>\u00a0luitenant-adjudant en 2<sup>e<\/sup>\u00a0luitenant J. Thonhauser was de tweede luitenant-adjudant. Pikeur was de 2<sup>e<\/sup>\u00a0luitenant G.F. Koltrop en luitenant-kwartiermaker was W. Royen. De chirurgijn was C.T Marius. De ritmeesters waren M.J.G. Collaert en J.B. van Merlen. Verder behoorden tot het detachement de 1<sup>e<\/sup>luitenants C.F. Sta\u00ebdel, J.W. Kummich, J.P. Weitzel, C. Lechleitner, A.J. Hoynck van Papendrecht en de 2<sup>e<\/sup>\u00a0luitenants L.A.J. Crooy, L.R. Quaita, R.F. de Ravallet en M.L. Pijman.\u00a0<br>\u00a0Terwijl de vloot wacht op gunstige wind, kwam op 23 augustus het bericht dat Oostenrijk was toegetreden tot de triple-alliantie van Engeland, Zweden en Rusland. De keizer veranderde zijn plannen radicaal en het invasieplan kwam te vervallen. Op 2 september werd ontscheept en op 4 september ging de divisie in opmars naar Mainz, waar ze op 25 september aankwam. De Bataafse Divisie, nog steeds gecommandeerd door luitenantgeneraal Dumonceau, nam vervolgens deel aan de Franse veldtocht in Duitsland, die gericht was tegen Oostenrijk. Ook aan deze veldtocht nam het Regiment Huzaren deel met twee eskadrons. De afgelegde weg is bekend, namelijk Langendijk (4 sept), Heemskerk en Beverwijk (5 sept), Ouderkerk (6 september), Woudenberg (7 sept), Arnhem (8-10 september), Kleef (11 sept), Kalkar (12 sept), Altekirchen (13 sept), Outrath (14 sept), Dormagen (15 sept), Keulen (16 sept), Herselts (18 sept), Remagen (19 sept), Kettich (20 sept), Boppert (21 sept), Bacharach (22 sept, Elsheim (23 sept), Gonsenheim (25 sept), Oberenieder en Liederbach (26 sept), Werskirchen (27 sept, Dondel (28 sept), Trenafurt (29 sept), H\u00f6feld (30 sept) en vervolgens tot 12 oktober in Augsburg<br>De Bataafse Divisie nam wel deel aan het beleg van Ulm (ingedeeld bij het legerkorps van Marmont), doch niet aan de Slag bij Austerlitz op 2 december 1805. Wel werd na de overwinning Passau nog bezet en later ook Wenen binnen getrokken. Op 20 december 1805 werd Wenen verlaten en via Neustadt op 18 januari 1806 Ingolstadt bereikt. Op 29 januari werd de Bataafse divisie bij het 7<sup>e<\/sup>\u00a0legerkorps van maarschalk Augureau ingedeeld. Hoewel op de vooravond van kerstmis in Presburg de vrede getekend werd, keerde de Bataafse Divisie pas in april 1806 in de Republiek terug. Het regiment Huzaren arriveerde al eerder op 27 maart 1806 terug in Zutphen. De rest van het regiment kwam de volgende dag ook vanuit Groningen in Zutphen aan. Het regimentscommando lag intussen i handen van kolonel J. Macpherson. Vier kompagni\u00ebn vertrokken op 2 april naar Deventer onder bevel van luitenant-kolonel W. Lambrechts. Het kleine kustbewakingsdetachement kwam pas in 1806 terug bij het regiment. In deze periode werd ook nog een compagnie met 1 ritmeester, 3 luitenants, 3 trompetters en 60 wachtmeesters en huzaren naar Den Haag gestuurd. Ook zij kregen kustbewakingsopdrachten. Deze taak duurde tot 16 juli 1806.\u00a0\u00a0In augustus 1806 keerde ook het laatste detachement uit Noord Holland terug bij het regiment in Deventer.\u00a0\u00a0<\/p>\n\n\n\n<hr class=\"wp-block-separator has-alpha-channel-opacity\"\/>\n\n\n\n<p><a href=\"https:\/\/www.nrc.nl\/nieuws\/2025\/03\/13\/toen-de-russen-nederland-binnenvielen-strandden-ze-bij-castricum-in-1799-a4886259\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\">Krant NRC <\/a><\/p>\n\n\n\n<p><a href=\"https:\/\/collectie.nmm.nl\/nl\/collectie\/detail\/251807\/\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\">Vlag in het NMM<\/a><\/p>\n\n\n<ol class=\"wp-block-footnotes\"><li id=\"e01aa9be-67d8-4d07-9792-350f4b0a80d5\">Christiaan van der Spek, Sous Les Armes, Het Hollandse leger in de Franse tijd, NIMH, blz 37\u00a0 <a href=\"#e01aa9be-67d8-4d07-9792-350f4b0a80d5-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 1\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"65150fd0-afe2-4d0b-b455-ea93c1c38d85\">Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 19 <a href=\"#65150fd0-afe2-4d0b-b455-ea93c1c38d85-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 2\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"0ea639c1-8045-456f-8add-ffefa9916595\">Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 21 <a href=\"#0ea639c1-8045-456f-8add-ffefa9916595-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 3\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"839ef152-cb4e-40e9-97f5-a323604eafb5\">Dumonceau kwam uit Brussel en was zoon van een Steenhouwer. Hij was net als Daendels betrokken geweest bij de revolutionaire beweging in de Zuidelijke Nederlanden en eveneens naar Frankrijk uitgeweken. Hij had een uitstekende verstandhouding met Daendels. Bron: Aalberts, De Huzaren van Castricum <a href=\"#839ef152-cb4e-40e9-97f5-a323604eafb5-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 4\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"dc163a4f-ba14-4504-b52f-aa8b63f83728\">Christiaan van der Spek, Sous Les Armes, Het Hollandse leger in de Franse tijd, NIMH, blz 181 en 182 <a href=\"#dc163a4f-ba14-4504-b52f-aa8b63f83728-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 5\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"32ab1ac6-9055-4dc9-9496-775600eaa64f\">Christiaan van der Spek, Sous Les Armes, Het Hollandse leger in de Franse tijd, NIMH, blz 182 <a href=\"#32ab1ac6-9055-4dc9-9496-775600eaa64f-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 6\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"39512cbb-0d8f-4a23-856e-cfa0cc502ba4\">De Hollandse vloot had minder geluk en werd op 11 oktober in de Slag bij Kamperduin vernietigd. <a href=\"#39512cbb-0d8f-4a23-856e-cfa0cc502ba4-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 7\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"a5596bdf-0047-48f2-808e-dd8eb1846929\">De commandant van de voorhoede was kolonel H.J. Gilquin <a href=\"#a5596bdf-0047-48f2-808e-dd8eb1846929-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 8\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"3e07dcff-275d-4e86-a9a5-7e15414865bc\">De brigade commandant was generaal-majoor Bonhomme <a href=\"#3e07dcff-275d-4e86-a9a5-7e15414865bc-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 9\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"ae603938-5fa2-40f9-ac8b-7afa24087fc0\">Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 30 <a href=\"#ae603938-5fa2-40f9-ac8b-7afa24087fc0-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 10\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"5263191b-d5df-4223-a0e6-673e3cc9636e\">Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 32 <a href=\"#5263191b-d5df-4223-a0e6-673e3cc9636e-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 11\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"9aca3aa4-3855-4303-a251-868344335771\">Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 35 <a href=\"#9aca3aa4-3855-4303-a251-868344335771-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 12\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"2766e722-1531-4766-a294-aa7028817c6d\">Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 36 <a href=\"#2766e722-1531-4766-a294-aa7028817c6d-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 13\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"efd5f53c-65d1-4e44-881f-ef5f28fa32ae\">Christiaan van der Spek, Sous Les Armes, Het Hollandse leger in de Franse tijd, NIMH, blz 181 en 183 <a href=\"#efd5f53c-65d1-4e44-881f-ef5f28fa32ae-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 14\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"55d7b2ec-2e47-4468-b737-88f0ab51d9fb\">Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 39 <a href=\"#55d7b2ec-2e47-4468-b737-88f0ab51d9fb-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 15\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"5d904701-389d-4ad1-ad90-012183718e8f\">Christiaan van der Spek, Sous Les Armes, Het Hollandse leger in de Franse tijd, NIMH, blz 184 <a href=\"#5d904701-389d-4ad1-ad90-012183718e8f-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 16\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"9855a188-e6b5-43d8-bd32-28096556f28b\">Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 45 en 46 <a href=\"#9855a188-e6b5-43d8-bd32-28096556f28b-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 17\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"cc79b496-12d3-402c-8108-2acf3bc72128\">Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 48 <a href=\"#cc79b496-12d3-402c-8108-2acf3bc72128-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 18\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"276c26fc-1664-465f-a04f-ac07848cbfb8\">Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 55\u00a0 <a href=\"#276c26fc-1664-465f-a04f-ac07848cbfb8-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 19\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"1f25aa4d-1778-4052-8856-ea33d58a920a\">Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 58 <a href=\"#1f25aa4d-1778-4052-8856-ea33d58a920a-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 20\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"d643c4ab-4128-42d4-b0ba-51863cd5d033\">Christiaan van der Spek, Sous Les Armes, Het Hollandse leger in de Franse tijd, NIMH, blz 185 <a href=\"#d643c4ab-4128-42d4-b0ba-51863cd5d033-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 21\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"fea5cc45-14f1-4a07-8b32-5d2c50ea1984\">Christiaan van der Spek, Sous Les Armes, Het Hollandse leger in de Franse tijd, NIMH, blz 39 <a href=\"#fea5cc45-14f1-4a07-8b32-5d2c50ea1984-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 22\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><li id=\"721dbb20-4c48-4868-823f-8660da1f9fc4\">Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 62 <a href=\"#721dbb20-4c48-4868-823f-8660da1f9fc4-link\" aria-label=\"Ga naar voetnoot referentie 23\">\u21a9\ufe0e<\/a><\/li><\/ol>\n\n\n<p><\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Door: Luitenant-kolonel bd. Arie Rens en kolonel (bd) Hans van Dalen | versie 2 [12-03-2026] Het&nbsp;&nbsp;Regiment Huzaren van de Bataafse Republiek De Bataafse Republiek Op 20 januari 1795 hield Pichegru triomfantelijk zijn intocht in Amsterdam, onder gejuich van een uitzinnige menigte. Pichegru wist heel goed wat hij wilde en het gejuich verstomde spoedig. De Republiek &#8230; <a title=\"1795 &#8211; 1806\u00a0\u00a0Regiment Huzaren Bataafse Republiek\" class=\"read-more\" href=\"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/index.php\/2024\/07\/30\/1795-1806-regiment-huzaren-bataafse-republiek\/\" aria-label=\"Lees meer over 1795 &#8211; 1806\u00a0\u00a0Regiment Huzaren Bataafse Republiek\">Lees verder<\/a><\/p>\n","protected":false},"author":6,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"_bbp_topic_count":0,"_bbp_reply_count":0,"_bbp_total_topic_count":0,"_bbp_total_reply_count":0,"_bbp_voice_count":0,"_bbp_anonymous_reply_count":0,"_bbp_topic_count_hidden":0,"_bbp_reply_count_hidden":0,"_bbp_forum_subforum_count":0,"ngg_post_thumbnail":0,"footnotes":"[{\"content\":\"Christiaan van der Spek, Sous Les Armes, Het Hollandse leger in de Franse tijd, NIMH, blz 37\u00a0\",\"id\":\"e01aa9be-67d8-4d07-9792-350f4b0a80d5\"},{\"content\":\"Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 19\",\"id\":\"65150fd0-afe2-4d0b-b455-ea93c1c38d85\"},{\"content\":\"Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 21\",\"id\":\"0ea639c1-8045-456f-8add-ffefa9916595\"},{\"content\":\"Dumonceau kwam uit Brussel en was zoon van een Steenhouwer. Hij was net als Daendels betrokken geweest bij de revolutionaire beweging in de Zuidelijke Nederlanden en eveneens naar Frankrijk uitgeweken. Hij had een uitstekende verstandhouding met Daendels. Bron: Aalberts, De Huzaren van Castricum\",\"id\":\"839ef152-cb4e-40e9-97f5-a323604eafb5\"},{\"content\":\"Christiaan van der Spek, Sous Les Armes, Het Hollandse leger in de Franse tijd, NIMH, blz 181 en 182\",\"id\":\"dc163a4f-ba14-4504-b52f-aa8b63f83728\"},{\"content\":\"Christiaan van der Spek, Sous Les Armes, Het Hollandse leger in de Franse tijd, NIMH, blz 182\",\"id\":\"32ab1ac6-9055-4dc9-9496-775600eaa64f\"},{\"content\":\"De Hollandse vloot had minder geluk en werd op 11 oktober in de Slag bij Kamperduin vernietigd.\",\"id\":\"39512cbb-0d8f-4a23-856e-cfa0cc502ba4\"},{\"content\":\"De commandant van de voorhoede was kolonel H.J. Gilquin\",\"id\":\"a5596bdf-0047-48f2-808e-dd8eb1846929\"},{\"content\":\"De brigade commandant was generaal-majoor Bonhomme\",\"id\":\"3e07dcff-275d-4e86-a9a5-7e15414865bc\"},{\"content\":\"Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 30\",\"id\":\"ae603938-5fa2-40f9-ac8b-7afa24087fc0\"},{\"content\":\"Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 32\",\"id\":\"5263191b-d5df-4223-a0e6-673e3cc9636e\"},{\"content\":\"Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 35\",\"id\":\"9aca3aa4-3855-4303-a251-868344335771\"},{\"content\":\"Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 36\",\"id\":\"2766e722-1531-4766-a294-aa7028817c6d\"},{\"content\":\"Christiaan van der Spek, Sous Les Armes, Het Hollandse leger in de Franse tijd, NIMH, blz 181 en 183\",\"id\":\"efd5f53c-65d1-4e44-881f-ef5f28fa32ae\"},{\"content\":\"Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 39\",\"id\":\"55d7b2ec-2e47-4468-b737-88f0ab51d9fb\"},{\"content\":\"Christiaan van der Spek, Sous Les Armes, Het Hollandse leger in de Franse tijd, NIMH, blz 184\",\"id\":\"5d904701-389d-4ad1-ad90-012183718e8f\"},{\"content\":\"Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 45 en 46\",\"id\":\"9855a188-e6b5-43d8-bd32-28096556f28b\"},{\"content\":\"Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 48\",\"id\":\"cc79b496-12d3-402c-8108-2acf3bc72128\"},{\"content\":\"Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 55\u00a0\",\"id\":\"276c26fc-1664-465f-a04f-ac07848cbfb8\"},{\"content\":\"Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 58\",\"id\":\"1f25aa4d-1778-4052-8856-ea33d58a920a\"},{\"content\":\"Christiaan van der Spek, Sous Les Armes, Het Hollandse leger in de Franse tijd, NIMH, blz 185\",\"id\":\"d643c4ab-4128-42d4-b0ba-51863cd5d033\"},{\"content\":\"Christiaan van der Spek, Sous Les Armes, Het Hollandse leger in de Franse tijd, NIMH, blz 39\",\"id\":\"fea5cc45-14f1-4a07-8b32-5d2c50ea1984\"},{\"content\":\"Eerste luitenant Jhr, J.W. van Sypesteijn, Geschiedenis van het Regiment Hollandsche Hussaren. Den Haag, 1849, blz 62\",\"id\":\"721dbb20-4c48-4868-823f-8660da1f9fc4\"}]"},"categories":[30],"tags":[],"class_list":["post-51737","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-algemeen"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/51737","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/users\/6"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=51737"}],"version-history":[{"count":45,"href":"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/51737\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":63482,"href":"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/51737\/revisions\/63482"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=51737"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=51737"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/huzarenvanboreel.nl\/index.php\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=51737"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}