3e Eskadron Pantserwagens

Opgericht:                                         21-01-1946  te Amersfoort                              

Vertrek Engeland:                           23-07-1946 a/b “Kota Baroe”               

Vertrek Indië:                                  24-08-1946 a/b “Kota Inten”               

Aankomst Indië:                             18-09-1946 Batavia                        

Toegevoegd aan:                             T.T.C. Zuid-Sumatra                        

Ingedeeld bij:                                  Y-Brigade                               

Actiegebied(en):     Palembang, Praboemoelih, Batoeradja, Lahat, Tjoeroep.                         

Commandant:                              Maj. J.A.C. Peterse  21-01-1946/11-08-1949 

Gerepatrieerd:                             11-08-1949 a/b “Waterman”                 
                                                    09-09-1949 aankomst Rotterdam             

Omgekomen:                               4 man (waarvan reeds 3 man in Nederland)   

Het eskadron was één van de zogenaamde “Calmeyer” eenheden en bestond hoofdzakelijk uit OVW’ers. 
Reeds tijdens de opleiding in Nederland verloren drie huzaren het leven bij twee tragische ongevallen. 

Via Engeland waar het eskadron werd voorzien van de noodzakelijke uitrusting en het een aanvullende training kreeg vertrok het naar Indië. Na aankomst in Batavia werd het eskadron voorlopig gelegerd aan het Koningsplein. Hierna volgde er een periode van training en kon men wennen aan de tropen. 
Op 26 december 1946 verliet het eskadron per LST Batavia en werd het overgebracht naar Palembang. Rond de jaarwisseling van 1946/47 werd het eskadron reeds ingezet in de zogeheten “slag om Palembang”. In maart 1947 was het eskadron o.a. gelegerd te Pladjoe, Soengei Gerong en Kertapati. Geleidelijk aan namen de bestandsschendingen van de TNI toe. 

 Tijdens de 1e politionele actie, op 21 juli 1947, werd het eskadron als onderdeel van de acties “Limburg” en “Utrecht” ingedeeld bij drie colonnes. De 1e en 2e colonne trokken via Praboemoelih op naar Moeara Enim, waarna de 2e colonne de opmars voortzette naar Lahat (“Limburg”). De 3e colonne trok op naar Batoeradja (“Utrecht”). Aan het begin van de opmars ondervonden de colonnes ernstige hinder en vertraging als gevolg van hevige oliebranden langs de weg. Maar ondanks deze vertraging werden de doelen samen met de infanteriebataljons 3(7) en 4(8) RS binnen de gestelde tijd bereikt. 

Na de 1e politionele actie werden de pelotons van het eskadron gedetacheerd in diverse plaatsen zoals, Talang Djimar, Batoeradja, Lahat, Martapura, Kajoe Agoeng, en Moeara Koeang en verleenden steun bij de zuiveringsacties en werden de konvooiwegen door een intensieve patrouillegang beveiligd en opengehouden. 
Op 25 november was het eskadron geconcentreerd in Praboemoelih voor revisie van de voertuigen en een rustperiode. Op 27 februari 1948 verhuisde het eskadron naar Lahat. Op 28 april werden de pelotons verspreid over posten rond Lahat waar de huzaren een infanterietaak kregen. Een andere taak was de treinbewaking op het traject Bangoemas, Lahat, Moeara Enim. 

 Tijdens de 2e politionele actie, op 19 december 1948, was het eskadron wederom verdeeld over drie colonnes. De 1e colonne trok op van Moeara Gloempai naar Pagaralam, de 2e colonne van Bangoemas via Tebingtinggi naar Benkoelen. De 2e colonne, waar het 2e peloton aan was toegevoegd ondervond veel vertraging als gevolg van vernielde bruggen. De 3e colonne trok op van Martapura naar Rassoean. 

Na de 2e politionele actie brak er weer een periode van patrouilleren aan en werden er diverse acties gevoerd met namen als, Zeilveger en Matteklopper. Uiteindelijk werd het gehele eskadron gelegerd in kamp Goenoeng Gadja, nabij Palembang in afwachting van de repatriëring.

regimentscommandant kolonel Hans van Dalen en Henk Brandenburg. Huzaar van het 3e Eskadron Pantserwagens OorlogsVrijwilligers (3e Esk PAW OVW) Regiment Huzaren van Boreel. 

Y-brigade:

Opgericht                                          20-07-1946 op Bali

Toegevoegd aan                              T.T.C. Zuid – Sumatra

Commandant(en)                            Lt. kolonel F. Mollinger             20-07-1946 / 14-09-1949
                                                        Lt. Kolonel Luchsinger             14-09-1949 /           1949

Opgeheven                                       eind 1949

De Y – Brigade werd, in tegenstelling tot de eerdere OVW brigades, niet geformeerd op Malakka maar op Bali. 

De Y – Brigade bestond bij de oprichting uit het OVW bataljon 4(8) RS en de KNIL bataljons Inf.X.KNIL en Inf.XI.KNIL beter bekend onder de naam “Gadjah Merah”. Ook het stootbataljon 3(7) RS was bij de Y – Brigade ingedeeld, maar voegde zich pas op zuid Sumatra bij de Y – Brigade.

 Na aankomst te Palembang kreeg de Y – Brigade versterking van zogenaamde “Calmeyer” eenheden. Dit waren eenheden cavalerie en artillerie ter ondersteuning van de Infanterie Brigades. Ook deze eenheden bestonden voornamelijk uit OVW’ers.

 Op  24 oktober 1946 scheepte de Y – Brigade op Bali in met bestemming Palembang op zuid Sumatra. Op 29 oktober lagen de schepen voor de monding van de “Moesi” en werd de Y – Brigade per L.S.T. overgebracht naar Palembang. 
Aanvankelijk zag het er naar uit dat de komst van 3(7) RS nog enkele maanden zou duren, maar geheel tegen de verwachting in arriveerde 3(7) RS reeds vijf dagen later.
Na overname van de posten van het British 1st  Burma Regiment werd een aanvang genomen met de zuivering van Palembang en omgeving.  
Op oudejaarsavond 1946 begon de slag om Palembang. Na zware gevechten, bij o.a. het ‘Charitas ziekenhuis’ en op de ‘Javabank’ werd er op 5 januari 1947 een wapenstilstand afgekondigd en de demarcatielijn vastgesteld.

Boekje over de verplaatsing van de Y-brigade naar Zuid-Sumatra op 25 oktober 1946.

Tijdens de 1e politionele actie, op 21 juli 1947, kreeg de Y – Brigade de opdracht het bezetten van de belangrijke olievelden bij Sekajoe en in het Pendopo district door de “Gadjah Merah” en de olie en steenkoolvelden bij respectievelijk Praboemoelih/Talangdjimar en Batoeradja en Moeara Enim door de stoottroepen (“Provincieplan”). Tevens werden er door de “Gadjah Merah” ten westen en zuid oosten van Palembang nog enkele acties gevoerd waarbij o.a. Pangkalan Balai en Indralaja werden bezet. 
De olie en steenkoolvelden ten zuiden van Palembang was het doel van de twee stoottroep bataljons. Voorbij de stad Batoeradja stuitte men op hevige tegenstand. Het duurde dan ook tot ver na het staakt het vuren voor het gehele gebied bezet was. 

Na de repatriëring van de OVW bataljons en het KNIL in de eerste helft van 1948 bestond de Y – Brigade louter nog uit onderdelen gevormd uit dienstplichtigen, uitgezonderd manschappen van de AAT, Genie en Cavalerie waar veel OVW’ers in dienden.

Tijdens de 2e politionele actie bezette de Y – Brigade o.a. de olievelden bij Mangoendjaja en de plaats kemang, gelegen aan de Moesi-rivier ten westen van Palembang en de plaatsen Mesir en Pakan Ratoe, oost van Batoeradja. 

Na het ‘cease fire’ keerde de rust in het gebied van de Y – Brigade weer terug.
Eind 1949 werd de Y – Brigade opgeheven.

De Brigade koos de demonen-kop als embleem vanwege het feit dat Bali, de plaats van oprichting, het Demonen-eiland wordt genoemd.

Gezamenlijke actie richting Charitas hospitaal van 8 RS en het 3e Eskadron Pantserwagens bij de slag om Palembang, januari 1947

Opgericht             20-07-1946 op Bali
Toegevoegd aan    T.T.C. Zuid – Sumatra
Commandant(en)   Lt. kol. F. Mollinger  20-07-1946 / 14-09-1949
                            Lt. Kol. Luchsinger   14-09-1949 /           1949
Opgeheven            eind 1949

Samenstelling:
Staf Y-Brigade 
Infanterie X 
Infanterie XI 
Infanterie XII 
3e (7e) Bataljon Regiment Stoottroepen
4e (8e) Bataljon Regiment Stoottroepen
3e Eskadron Pantserwagens 
Veld Artillerie III 
6e Afdeling Veldartillerie 
8e Afdeling Veldartillerie 

Plaats een reactie

error: Hey Verkenners en Boreelfans, deze inhoud is tegen onbevoegd opslaan beveiligd!