Beeckestijn en Boreel

In de zestiende eeuw staat ongeveer op de plaats van het huidige Beeckestijn een hofstede. Eigenaar is de Amsterdamse koopman Stans Claesz. Een van zijn dochters trouwt met Jan van Bekesteijn.

Het huis ontwikkelt zich in de loop der tijd van een eenvoudig huis tot een buitenplaats, gesticht als zomerverblijf van Amsterdamse regenten. Het landgoed ligt direct aan het water, het Wijkermeer, en is vanuit Amsterdam makkelijk per boot te bereiken. Sinds het begin van de 17e eeuw heeft de buitenplaats minstens zes verbouwingen en uitbreidingen ondergaan. Dit gebeurt in opdracht van de Amsterdamse regentenfamilies Corver, Trip en Boreel. De familie Boreel heeft de buitenplaats in haar bezit tot het midden van de twintigste eeuw.

Mede door de veranderende tijdsomstandigheden raakt het landgoed vanaf het begin van de twintigste eeuw in verval, maar gelukkig kan afbraak worden voorkomen, omdat de gemeente Velsen zich over het landgoed ontfermt. De gemeente is er uiteindelijk in geslaagd het landgoed met park en tuinen fraai te herstellen en voor het publiek open te stellen.

Hier heeft de grondlegger van ons regiment, Willem François Boreel zijn laatste rustplaats.

Jhr Lkol (bd) Jaap Boreel als parade- commandant bij de beëdiging in 2019
Beeckestijn zoals het er in 1842 uitzag, na de veranderingen door Willem François Boreel, Lithografie door P.L. Lutgers. Foto: Noord-Hollands Archief.

Als onderdeel van de boedel van wijlen Jan Trip de Jonge, koopt Jacob Boreel Jansz. (1711 – 1778) in maart 1742 Beeckestijn voor achtentwintigduizend gulden. Hij komt uit een aanzienlijk, invloedrijke Amsterdamse familie, die een groot aantal openbare ambten bekleedt.

Als hij Beeckestijn koopt is Jacob Boreel Jansz. Wethouder van Amsterdam en Advocaat-Fiscaal van de Admiraliteit te Amsterdm. Jacob trouwt op 28 februari 1735 met Agneta Margaretha Munter (1717 – 1761), lid van een eveneens zeer aanzienlijk geslacht. Agneta’s vader Cornelis is lange tijd burgemeester van Amsterdam. Het echtpaar Boreel-Munter krijgt negen kinderen. Slechts vier ervan bereiken de volwassen leeftijd, te weten: Catharina, Agnes Margaretha, Willem en Jacob.

Boreel is door zijn ambassadeurschap in Engeland maar weinig in Nederland en brengt weinig tijd door op Beeckestijn. De ‘gouden tijd’ voor Boreel en Beeckestijn ligt vermoedelijk tussen 1742 en 1756.

Op 24 mei 2018 was hier onze eigen RegimentsArts Jonkheer Luitenant-kolonel (bd) Jaap Boreel tijdens het luitenantsbal van het Regiment Huzaren van Boreel aanwezig en had de eer en ‘t genoegen, de gasten rond te leiden op Landgoed Beeckestein, één van de oude landgoederen van de familie Boreel (doch helaas in 1952 verkocht). Hij heeft een exposé mogen geven over Jhr Willem Francois Boreel, oprichter van het Regiment Huzaren van Boreel in 1813 en één van de illustere bewoners van Beeckestijn. Onze RegimentsArts kende Beeckestijn ook al van zijn huwelijk in 1996.
Op 3 oktober 2019 heeft ons regiment het landgoed opnieuw in gebruik genomen. Beeckestijn is onlosmakelijk verbonden met het Regiment. Voor de beëdiging van een 50-tal jonge militairen die aan het begin van hun militaire loopbaan trouw zweren aan de constitutionele vorst, zich beloven te onderwerpen aan de krijgstucht en de wetten te gehoorzamen onder muzikale begeleiding van het Vrijwillige Fanfarekorps der Genie.
Op 26 maart 2021 heeft de regimentscomandogroep exemplaren van het nieuwe regimentsboek overhandigd aan de familie Boreel. En dat opnieuw op deze belangrijke Boreel plek, namelijk bij het graf van onze oprichter Willem François Boreel. Er werd toen ook een krans gelegd en werd het glas geheven op de inzet en offers van onze voorgangers.
Vrijheid moet immers bevochten en verdedigd worden. Dat verdient eerbetoon.

Boreel in uniform met gouden uitmonstering en het ridderkruis van de Militaire Willemsorde. Schilderij, particuliere collectie, foto: Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie

De laatste Boreel op Beeckestijn

Willem François Boreel (1775 – 1851) (jongste zoon van Jacob Boreel Jansz.) heeft een grote liefde voor Beeckestijn. Nadat de steenrijke Maria Trip, weduwe van de in 1796 overleden Willem Boreel, in 1813 overlijdt, erft Willem François Beeckestijn omdat zijn oudere broer de naastgelegen buitenplaats Waterland in bezit heeft en bewoont.

Beeckestijn komt na zijn overlijden in handen van zijn dochter Margaretha. Zij woont dan al langere tijd op Waterland samen met haar echtgenoot en volle neef Willem Boreel van Hogelanden. Omdat zij niet zelf op Beeckestijn gaat wonen, verhuurt zij het huis.

Op de terugweg van Den Helder naar Amsterdam passeerde keizer Napoleon op 17 oktober 1811 landgoed Beeckestijn in Velsen. Eigenaar Willem François Boreel zal toen niet aan de poort hebben gestaan om de keizer te begroeten. Want als trouw Oranje-aanhanger was hij geen vriend van de Fransen. Vier jaar later, in juni 1815, stond hij met ons Nederlandse regiment ‘Huzaren van Boreel’ tegenover de Franse legers op het slagveld van Quatre Bras en Waterloo, waar we Napoleon definitief hebben verzocht op te hoepelen en achtervolgde hem tot in Parijs.

Tweede Wereldoorlog

Beeckestijn wordt na 1851 niet meer bewoond door de eigenaar, de familie Boreel, maar verhuurd, de laatste gebruikers vertrekken in 1924, daarna raakte het pand steeds verder in verval. In de koetshuizen blijven nog wel huurders wonen, die als pachter of in dienst van de familie Boreel op het landgoed werken. Kort voor de Tweede Wereldoorlog wordt Beeckestijn gevorderd door het Nederlandse leger en tijdens de bezetting is het huis bij Duitse troepen in gebruik tot midden 1942, daarna verblijven de Duitse soldaten in de manschappenbunkers op het terrein. Later wordt het huis en de koetshuizen weer bewoond door boerenfamilies.

Na de oorlog zijn het huis, de bijgebouwen en het park in ruïneuze staat. In 1953 verkoopt de laatste eigenares, jonkvrouw Agnes Cremers-Boreel (1880 – 1961) Beeckestijn aan de gemeente Velsen. In de jaren 50 is er zelfs sprake van afbraak. Maar na een ingrijpende restauratie, die in 1959 begint en ruim tien jaar duurt, herrijst Beeckestijn in zijn oude glorie.

Over het gebruik door Boreel van Beeckestijn is een aardig aantal artikelen geschreven; bovendien kreeg onze beëdiging in 2019 natuurlijk de nodige kranten media en online media aandacht en andere media en levert ook leuke reacties elders op.

De heer A. van Oosterom heeft in een viertal stukken de geschiedenis rondom Boreel beschreven.
Catharina en Anna Maria Boreel (1), De Generaal (2), Johan George Michael (3) en Van boederdij tot dodenakker (4)

Ook komen artikelen voor in de nieuwsbrief van het Historisch Genootschap Midden-Kennemerland en ook staan er op de website van de Stichting Vrienden van Beeckestijn een aantal leuke wetenswaardigheden.
De Buitenplaats Beeckestijn met zijn historische opstallen en prachtig aangelegde tuinen is ook de moeite waard om eens een bezoekje aan te brengen.

Teksten en foto’s zijn met toestemming van de Stichting Vrienden van Beeckestijn overgenomen

Plaats een reactie

error: Hey Verkenners en Boreelfans, deze inhoud is tegen onbevoegd opslaan beveiligd!