Pantserauto Peloton W – Brigade KNIL

Een curieus onderdeel dat maar heel kort heeft bestaan.  Er werd gebruik gemaakt van vooroorlogse Marmon Herrington pantserwagens, afkomstig uit Zuid Afrika. 
C.A. Heshusius spreekt in zijn boekwerk ‘KNIL Cavalerie 1814 – 1950’ over het Paupel (Pantserauto Peloton) van de B-Divisie. ‘Het meest zonderlinge met dit peloton was niet alleen de omstandigheid dat het in feite helemaal geen peloton was, doch een eskadron (!) met 14 pantservoertuigen, maar dat het niet eens officieel bestond…’ Het is niet zeker of hiermee dit pantserpeloton wordt bedoeld maar in de literatuur is vooralsnog geen andere verwijzing bekend naar een ‘pantserpeloton’.

Uitvoering: Alleen stoffen dienstverstrekking

Rond 1936, begon het KNIL met een moderniseringsslag. Het plan was om 5 tot 6 gemotoriseerde, deels gemechaniseerde brigades op te richten, met elk een bataljon pantserwagens. Mede door bezuinigingen en anti-militaire sentimenten werden de plannen  telkens uitgesteld tot het moment dat een daadwerkelijke oorlog steeds dreigender werd. Echter, toen dat moment kwam was er bijna geen materiaal te krijgen, producerende landen waren druk bezig hun eigen legers te voorzien. Uiteindelijk bestelde het KNIL materiaal in de UK en de VS waaronder vrachtwagens en 628 Marmon-Herrington tanks alsmede een aantal verkenningsvoertuigen uit Zuid-Afrika. Het KNIL kocht ook 70 lichte Vickers-Carden-Loyd tanks, maar nadat er 20 waren geleverd besloot de UK het restant te behouden om het eigen leger, dat veel materiaal in Frankrijk had verloren, te versterken. Daarom werden er daarvoor in de plaats een aantal verkenningsvoertuigen rechtstreeks vanuit Zuid-Afrika geleverd. Na de capitulatie in 1942 vielen er een aantal van deze Marmon-Herringtons in Japanse handen die ze gebruikte t.b.v. hun bezettingsleger op Java. Die voertuigen die overgebleven waren, werden vervolgens in 1945 door de Japanners aan de nationalisten overgedragen. Sommige daarvan werden weer heroverd door teruggekeerde KNIL eenheden die in oktober 1945 nabij Batavia waren geland. Hiermee werd een zelfstandig peleton geformeerd, het PAUPEL (PANTSERAUTO-PELOTON).

Officieel bestond deze eenheid niet. Daardoor was het niet mogelijk de noodzakelijke radio’s, munitie, voorraden enz. te verkrijgen, echter door zeer vindingrijk te zijn kon men al de benodigdheden ‘halen’ bij de nationalisten….. De eenheid bestond uit Nederlanders, Indische en Surinaamse militairen en, hoewel ‘niet bestaand’ is de eenheid van oktober 1945 tot januari 1948 bij verschillende acties betrokken geweest. Om de eigen Marmon-Herringtons van die van de tegenstander te kunnen onderscheiden werden deze, aan weerskanten, van de Nederlandse driekleur voorzien (zie foto)

Samenstelling:
3 officieren; 4 onderofficieren; 40 manschappen.
Voertuigen:
12 Marmon-Herrington MKII MFF; 1 M3A1 Scoutcar; 2 Overvalwagens; 2 Willys Jeep (1/4 ton truck) en 3 vrachtwagens.

De Marmon Herrington was niet echt een succes bij het KNIL, het gewicht was te groot voor het Javaanse terrein, er was geen gelegenheid achterwaarts te sturen en de draaicirkel van 14 meter was te groot voor de smalle wegen. 

2e Eskadron Pantserwagens

Opgericht:                                         10-01-1946   te Amersfoort                             

Vertrek Engeland:                           23-07-1946 a/b “Kota Baroe”                                

Vertrek Indië:                                   24-08-1946 a/b “Kota Inten”               

Aankomst Indië:                             18-09-1946  Batavia                       

Toegevoegd aan:                             T.T.C. Midden-Java                         

Ingedeeld bij:                                   T-Brigade  (B-divisie)                  

Actiegebied(en):                              Semarang, Salatiga, Jogjacarta            

Commandant:                             Maj. R. Rouffaer          10-01-1946/  -12-1947 
                                                   Ritm. H. v/d Laan        -01-1948/07-06-1948 
                                                   Ritm. W. van Tuyll   07-06-1948/09-09-1949 

Gerepatrieerd:                          11-08-1949 a/b “Waterman”                 
                                                  09-09-1949 aankomst Rotterdam             

Omgekomen:                             geen      

 Het eskadron was één van de zogenaamde “Calmeyer” eenheden en bestond hoofdzakelijk uit OVW’ers. Via Engeland, waar het eskadron werd voorzien van de noodzakelijke uitrusting en het een aanvullende training kreeg, vertrok het naar Indië. In september 1946 debarkeerde het eskadron bij Batavia en vernam dat het was ingedeeld bij de T-Brigade te Semarang. In Semarang werd het eskadron gehuisvest in Djatingaleh. Na een periode van training nam het eskadron spoedig deel aan uitval- en beveiligingsacties i.s.m. de infanteriebataljons. 

 Tijdens de 1e politionele actie op 21 juli 1947 kwam het eskadron op de 2e dag in actie. Toegevoegd aan de pantserspits trok het op naar Bawen om de brug over de Toentang onbeschadigd in handen te krijgen en zo mogelijk de centrale bij Bringin te bezetten. Na het bereiken van de gestelde doelen voerde het 5e peloton een verkenning uit naar Salatiga, maar mocht de stad niet blijvend bezetten. Diezelfde nacht stak de TNI Salatiga in brand en besloot men om Salatiga alsnog te bezetten om algehele vernietiging te voorkomen. Deze actie werd uitgevoerd i.s.m. 1-RS. Ook die dag was het 1e  peloton opgetrokken met 1-RS vanuit Ambarawa naar Bedono. Op 24 juli werd het eskadron op Semarang teruggetrokken. Maar al een week later trok het eskadron met 2-6 RI op naar Weleri, en maakte het op 4 augustus te Soebah met de W-Brigade. Na de 1e  politionele actie werden de pelotons waren verspreid over de verschillende infanterie bataljons ter ondersteuning van de komende zuiveringen en voor weg/transport beveiliging. 

 In 1948 brak er een periode van rust aan, maar tegen het eind van 1948 was namen de beschietingen ed. van de TNI weer toe. Op 20 december 1948, tijdens de 2e  politionele actie, trok het eskadron via Ampel, Bojolali, Kartasoera op richting Djocja dat de volgende dag na enige tegenstand bij Klaten, werd bereikt. Terwijl het eskadron naar het nieuwe onderkomen reed, patrouilleerde het 1e peloton door de straten van Djocja. Vooral na de 2e politionele actie brak er in dit gebied rond Djocja een zeer zware tijd aan. Beschietingen waren er aan de orde van de dag en het eskadron werd dan ook veelvuldig ingezet bij konvooibegeleiding en zuiveringsacties zoals op 24 december zuid-west van Djocja. Op 29 juni 1949 werd uiteindelijk Djocja onder druk van de VN ontruimd. Bij de ontruiming zorgde het eskadron voor “rugdekking” en was zodoende het laatste onderdeel dat de stad verliet. Hierna werd het eskadron gelegerd in Salatiga en begon het met het inleveren van het materiaal, daar het eskadron spoedig zou gaan repatriëren. Op 26 juli vertrok het naar Semarang voor inscheping naar Batavia van waaruit het eskadron ging repatriëren.

zie ook: https://tijgerbrigade.com

Digitaal fotoalbum Huzaar 1e kl. Knaape (www.indiegangers.nl)

Digitaal fotoalbum Huzaar H. de Haan (www.indiegangers.nl)

bron: http://www.indie-1945-1950.nl

error: Hey Verkenners en Boreelfans, deze inhoud is tegen onbevoegd opslaan beveiligd!